Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. huichelend:
  2. huichelen:
  3. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor huichelend (Nederlands) in het Zweeds

huichelend:

huichelend bijvoeglijk naamwoord

  1. huichelend (voorwendend; veinzend)
    simulerande; föregivande

Vertaal Matrix voor huichelend:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
föregivande genade; pardon; vergeving; vergiffenis; verschoning
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
föregivande huichelend; veinzend; voorwendend
simulerande huichelend; veinzend; voorwendend

huichelen:

huichelen werkwoord (huichel, huichelt, huichelde, huichelden, gehuicheld)

  1. huichelen
    låtsas; simulera; hyckla; föregiva
    • låtsas werkwoord (låtsar, låtsade, låtsat)
    • simulera werkwoord (simulerar, simulerade, simulerat)
    • hyckla werkwoord (hycklar, hycklade, hycklat)
    • föregiva werkwoord (föregiver, föregav, föregivit)

Conjugations for huichelen:

o.t.t.
  1. huichel
  2. huichelt
  3. huichelt
  4. huichelen
  5. huichelen
  6. huichelen
o.v.t.
  1. huichelde
  2. huichelde
  3. huichelde
  4. huichelden
  5. huichelden
  6. huichelden
v.t.t.
  1. heb gehuicheld
  2. hebt gehuicheld
  3. heeft gehuicheld
  4. hebben gehuicheld
  5. hebben gehuicheld
  6. hebben gehuicheld
v.v.t.
  1. had gehuicheld
  2. had gehuicheld
  3. had gehuicheld
  4. hadden gehuicheld
  5. hadden gehuicheld
  6. hadden gehuicheld
o.t.t.t.
  1. zal huichelen
  2. zult huichelen
  3. zal huichelen
  4. zullen huichelen
  5. zullen huichelen
  6. zullen huichelen
o.v.t.t.
  1. zou huichelen
  2. zou huichelen
  3. zou huichelen
  4. zouden huichelen
  5. zouden huichelen
  6. zouden huichelen
diversen
  1. huichel!
  2. huichelt!
  3. gehuicheld
  4. huichelend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Vertaal Matrix voor huichelen:

WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
föregiva huichelen doen alsof; spelen; toneelspelen; zich aanstellen
hyckla huichelen femelen
låtsas huichelen beweren; fingeren; pretenderen; simuleren; stellen; veinzen; verklaren; voorgeven; voorwenden
simulera huichelen fingeren; simuleren; veinzen; voorwenden

Verwante definities voor "huichelen":

  1. vriendelijk doen terwijl je het niet meent1
    • hij huichelt altijd tegen de directeur1

Wiktionary: huichelen


Cross Translation:
FromToVia
huichelen hyckla heucheln — Zustimmung gegenüber einer anderen Person trotz nicht geäußerter gegenteiliger Eigenmeinung vortäuschen
huichelen hyckla heucheln — Anteilnahme trotz des inneren Gefühls der Gleichgültigkeit vortäuschen