Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. ongeregeldheid:
  2. ongeregeld:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor ongeregeldheid (Nederlands) in het Zweeds

ongeregeldheid:

ongeregeldheid [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord

  1. de ongeregeldheid
    oregelbundenhet; oordning; regellöshet

Vertaal Matrix voor ongeregeldheid:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
oordning ongeregeldheid burengerucht; ordeloosheid; rustverstoring; slordigheid; stoornis; verstoring; wanorde; wanordelijkheid; zooitje
oregelbundenhet ongeregeldheid het onregelmatig-zijn; onregelmatigheid
regellöshet ongeregeldheid

Verwante woorden van "ongeregeldheid":


ongeregeldheid vorm van ongeregeld: