Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. ruiterlijk:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor ruiterlijk (Nederlands) in het Zweeds

ruiterlijk:

ruiterlijk bijvoeglijk naamwoord

  1. ruiterlijk (onverbloemd; openhartig; onomwonden; )
    frispråkigt; frispråkig

Vertaal Matrix voor ruiterlijk:

BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
frispråkig onbewimpeld; onomwonden; onverbloemd; onverholen; openhartig; ronduit; ruiterlijk
frispråkigt onbewimpeld; onomwonden; onverbloemd; onverholen; openhartig; ronduit; ruiterlijk volmondig

Verwante woorden van "ruiterlijk":

  • ruiterlijke