Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. zeem:
  2. zemen:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor zeem (Nederlands) in het Zweeds

zeem:

zeem [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de zeem
    sämskskinn

Vertaal Matrix voor zeem:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
sämskskinn zeem buffelleder; buffelleer

Verwante woorden van "zeem":

  • zemen, zeempje, zeempjes

zemen:

zemen werkwoord (zeem, zeemt, zeemde, zeemden, gezeemd)

  1. zemen
    göra rent; lädra
    • göra rent werkwoord (gör rent, gjorde rent, gjort rent)
    • lädra werkwoord (lädrar, lädrade, lädrat)

Conjugations for zemen:

o.t.t.
  1. zeem
  2. zeemt
  3. zeemt
  4. zemen
  5. zemen
  6. zemen
o.v.t.
  1. zeemde
  2. zeemde
  3. zeemde
  4. zeemden
  5. zeemden
  6. zeemden
v.t.t.
  1. heb gezeemd
  2. hebt gezeemd
  3. heeft gezeemd
  4. hebben gezeemd
  5. hebben gezeemd
  6. hebben gezeemd
v.v.t.
  1. had gezeemd
  2. had gezeemd
  3. had gezeemd
  4. hadden gezeemd
  5. hadden gezeemd
  6. hadden gezeemd
o.t.t.t.
  1. zal zemen
  2. zult zemen
  3. zal zemen
  4. zullen zemen
  5. zullen zemen
  6. zullen zemen
o.v.t.t.
  1. zou zemen
  2. zou zemen
  3. zou zemen
  4. zouden zemen
  5. zouden zemen
  6. zouden zemen
diversen
  1. zeem!
  2. zeemt!
  3. gezeemd
  4. zemend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

zemen bijvoeglijk naamwoord

  1. zemen (zeemleren)
    bluffigt; bluffig

Vertaal Matrix voor zemen:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
göra rent schoonmaakbeurt; schoonmaakdag
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
göra rent zemen
lädra zemen
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bluffig zeemleren; zemen
bluffigt zeemleren; zemen

Verwante woorden van "zemen":