Overzicht
Zweeds naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. match:
  2. Wiktionary:
Spaans naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. match:


Zweeds

Uitgebreide vertaling voor match (Zweeds) in het Spaans

match:

match [-en] zelfstandig naamwoord

  1. match (tävling; förehavande; spel; kamp)
    la competición; la carrera; el match; el partido; el combate; el encuentro
  2. match
    el juegos; el campeonato; el tornéo

Vertaal Matrix voor match:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
campeonato match mästerskap
carrera förehavande; kamp; match; spel; tävling erfarenhet; kapplöpning; kunskap; kurs; lopp; löpning; praktik; rutin; skyndande; springande; sprinterlopp; studie; travande; tävling
combate förehavande; kamp; match; spel; tävling brottning; fältslag; handgemäng; kamp; klapp; krig; slag; slagsmål; strid; örfil
competición förehavande; kamp; match; spel; tävling konkurrens; riddarspel; spel; turnering; tävling
encuentro förehavande; kamp; match; spel; tävling konferens; kongress; möte; samling; sammankomst; symposium; träff
juegos match omgångar; satser; serier
match förehavande; kamp; match; spel; tävling
partido förehavande; kamp; match; spel; tävling lek; spel
tornéo match
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
partido genom hackat; klyftad; klyftat; stå ensam; välberest

Synoniemen voor "match":


Wiktionary: match


Cross Translation:
FromToVia
match partido match — sporting event

Verwante vertalingen van match



Spaans

Uitgebreide vertaling voor match (Spaans) in het Zweeds

match:


Verwante vertalingen van match