Overzicht
Zweeds naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. annex:
  2. Wiktionary:


Zweeds

Uitgebreide vertaling voor annex (Zweeds) in het Spaans

annex:

annex [-ett] zelfstandig naamwoord

  1. annex
    el sucursal; la dependencia; la delegación
  2. annex
    la sucursal; la dependencia; el anejo; la filial; el anexo
    • sucursal [la ~] zelfstandig naamwoord
    • dependencia [la ~] zelfstandig naamwoord
    • anejo [el ~] zelfstandig naamwoord
    • filial [la ~] zelfstandig naamwoord
    • anexo [el ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor annex:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
anejo annex addition; tillägg; utbyggnad
anexo annex addition; bilaga; inlägg; tillfogning; tillsats; tillägg; utbyggnad
delegación annex beskickning; delegation; delegering; legation
dependencia annex addition; avdelning; beroende; kroppsdel; sektion; tillägg; underordning; utbyggnad
filial annex dotterbolag; filial
sucursal annex agentur; filial
Not SpecifiedVerwante vertalingenAndere vertalingen
sucursal avdelningskontor
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
anexo bifogad; bifogat; omgiven; tillagd; tillagt

Synoniemen voor "annex":

  • tillbyggnad; sidobyggnad

Wiktionary: annex


Cross Translation:
FromToVia
annex anexo annex — addition, an extension
annex anexo; pabellón annex — addition or extension to a building