Overzicht


Duits

Uitgebreide vertaling voor ganz frisch (Duits) in het Engels

ganz frisch:

ganz frisch bijvoeglijk naamwoord

  1. ganz frisch (brühwarm)
    farm-fresh; hot from the press; brand-new; red-hot; very fresh; quite new

Vertaal Matrix voor ganz frisch:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
brand-new brühwarm; ganz frisch funkelnagelneu
red-hot brühwarm; ganz frisch glühend; rotglühend
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
farm-fresh brühwarm; ganz frisch
hot from the press brühwarm; ganz frisch
quite new brühwarm; ganz frisch
very fresh brühwarm; ganz frisch

Verwante vertalingen van ganz frisch