Overzicht
Duits naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. Mißtrauen:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Mißtrauen (Duits) in het Spaans

Mißtrauen:

Mißtrauen [das ~] zelfstandig naamwoord

  1. Mißtrauen (Argwohn)
    la sospecha; la desconfianza
  2. Mißtrauen (Argwohn)
    el recelo; la sospecha
    • recelo [el ~] zelfstandig naamwoord
    • sospecha [la ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor Mißtrauen:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
desconfianza Argwohn; Mißtrauen
recelo Argwohn; Mißtrauen Bangigkeit; Furcht; Scheu; Ängstlichkeit
sospecha Argwohn; Mißtrauen Ahnung; Annahme; Annehmen; Glaube; Verdacht; Vermuten; Vermutung; Voraussetzung; Vorgefühl