Overzicht
Duits naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. Hausse:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Hausse (Duits) in het Nederlands

Hausse:

Hausse [die ~] zelfstandig naamwoord

  1. die Hausse (Hochkonjunktur; Aufschwung; Zunahme; )
    de hausse; de hoogconjunctuur; de bloei

Vertaal Matrix voor Hausse:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bloei Aufschwung; Blüte; Hausse; Hochkonjunktur; Wachstum; Wuchs; Zunahme Blühperiode; Blüte; Blütezeit; Wachstum; Wuchs
hausse Aufschwung; Blüte; Hausse; Hochkonjunktur; Wachstum; Wuchs; Zunahme
hoogconjunctuur Aufschwung; Blüte; Hausse; Hochkonjunktur; Wachstum; Wuchs; Zunahme

Synoniemen voor "Hausse":