Overzicht
Duits naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. derjenige:


Duits

Uitgebreide vertaling voor derjenige (Duits) in het Nederlands

derjenige:

derjenige

  1. derjenige (die; daß; der; )

derjenige [der ~] zelfstandig naamwoord

  1. der derjenige (diejenige)
    degene; diegene
    • degene [znw.] zelfstandig naamwoord
    • diegene [znw.] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor derjenige:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
degene derjenige; diejenige
diegene derjenige; diejenige
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
degene daß; der; derjenige; die; eine; einer; eines; jene; jener; jenes
die daß; der; derjenige; die; eine; einer; eines; jene; jener; jenes
diegene daß; der; derjenige; die; eine; einer; eines; jene; jener; jenes
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
degene diejenige
die diese; dieser; dieses