Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. Fischchen:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Fischchen (Duits) in het Zweeds

Fischchen:

Fischchen [das ~] zelfstandig naamwoord

  1. Fischchen (kleiner Fisch)
    liten fisk

Vertaal Matrix voor Fischchen:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
liten fisk Fischchen; kleiner Fisch

Wiktionary: Fischchen

Fischchen
noun
  1. flügelloses Insekt, das oft in Haus lebt (Ordnung Zygentoma)
  2. kleiner Fisch

Cross Translation:
FromToVia
Fischchen småfisk fishy — little fish