Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. Mäßigung:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Mäßigung (Duits) in het Zweeds

Mäßigung:

Mäßigung [die ~] zelfstandig naamwoord

  1. die Mäßigung
    mjukande
  2. die Mäßigung (Besonnenheit)
    moderation; måtta; måttlighet

Vertaal Matrix voor Mäßigung:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
mjukande Mäßigung
moderation Besonnenheit; Mäßigung
måtta Besonnenheit; Mäßigung
måttlighet Besonnenheit; Mäßigung
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
måtta ausrichten; richten; visieren; zielen
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
mjukande lindern; mildern

Synoniemen voor "Mäßigung":