Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. Mißbehagen:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Mißbehagen (Duits) in het Zweeds

Mißbehagen:

Mißbehagen [das ~] zelfstandig naamwoord

  1. Mißbehagen (Unbehagen)
    obehaglighet; obehag; otillfredsställelse

Vertaal Matrix voor Mißbehagen:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
obehag Mißbehagen; Unbehagen Behinderung; Belästigung; Depression; Ergernis; Ergernisse; Mißfallen; Schererei; Schlaffheit; Schlappheit; Streit; Störung; Unbehagen; Unbehaglichkeiten; Uneinigkeit; Unfriede; Ungehaltenheit; Ungemach; Unlust; Unmut; Unzufriedenheit; Verstimmung; Ärger; Ärgerlichkeit; Ärgernis
obehaglighet Mißbehagen; Unbehagen
otillfredsställelse Mißbehagen; Unbehagen