Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. Verwilderung:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Verwilderung (Duits) in het Zweeds

Verwilderung:

Verwilderung [die ~] zelfstandig naamwoord

  1. die Verwilderung (Entartung; Degeneration)
    fördärvad; degeneration

Vertaal Matrix voor Verwilderung:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
degeneration Degeneration; Entartung; Verwilderung Degeneration; Entartung
fördärvad Degeneration; Entartung; Verwilderung
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
fördärvad aus der Art geschlagen; entartet; faul; fehlerhaft; pervers; ranzig; schlecht; stinkend; stinkig; verdorben; verfault; vergammelt; verrotet; verunstaltet; verunziert