Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. Wesenheit:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Wesenheit (Duits) in het Zweeds

Wesenheit:

Wesenheit [die ~] zelfstandig naamwoord

  1. die Wesenheit (Wirklichkeit; Essenz)
    verklighet; realitet

Vertaal Matrix voor Wesenheit:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
realitet Essenz; Wesenheit; Wirklichkeit Festigkeit; Gewißheit; Halt; Realität; Wirklichkeit
verklighet Essenz; Wesenheit; Wirklichkeit Festigkeit; Gewißheit; Halt; Realität; Wirklichkeit

Synoniemen voor "Wesenheit":