Overzicht
Engels naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. tonic:
  2. Wiktionary:
Nederlands naar Engels:   Meer gegevens...
  1. tonic:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor tonic (Engels) in het Nederlands

tonic:

tonic [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the tonic (elixer)
    het levenselixer; de tonic; het tonicum
    • levenselixer [het ~] zelfstandig naamwoord
    • tonic [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord
    • tonicum [het ~] zelfstandig naamwoord
  2. the tonic
    de tonica
    • tonica [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord, mv.
  3. the tonic
    versterkend middel
  4. the tonic (pop; soda; soda pop; soda water)
    – a sweet drink containing carbonated water and flavoring 1
    de frisdrank

Vertaal Matrix voor tonic:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
frisdrank pop; soda; soda pop; soda water; tonic fizzy drink; pop; soda; soda pop; soft drink
levenselixer elixer; tonic
tonic elixer; tonic
tonica tonic
tonicum elixer; tonic
versterkend middel tonic
- keynote; quinine water; restorative; tonic water
Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- accented; bracing; brisk; fresh; refreshful; refreshing; tonal

Verwante woorden van "tonic":


Synoniemen voor "tonic":


Antoniemen van "tonic":

  • atonic

Verwante definities voor "tonic":

  1. imparting vitality and energy1
  2. used of syllables1
    • a tonic syllables carries the main stress in a word1
  3. relating to or being the keynote of a major or minor scale1
    • tonic harmony1
  4. employing variations in pitch to distinguish meanings of otherwise similar words1
  5. of or relating to or producing normal tone or tonus in muscles or tissue1
    • a tonic reflex1
    • tonic muscle contraction1
  6. a medicine that strengthens and invigorates1
  7. (music) the first note of a diatonic scale1
  8. a sweet drink containing carbonated water and flavoring1
    • in New England they call sodas tonics1
  9. lime- or lemon-flavored carbonated water containing quinine1

Wiktionary: tonic

tonic
noun
  1. tonica
adjective
  1. met betrekking tot (spier)spanning

Verwante vertalingen van tonic



Nederlands

Uitgebreide vertaling voor tonic (Nederlands) in het Engels

tonic:

tonic [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de tonic (levenselixer; tonicum)
    the elixer; the tonic
    • elixer [the ~] zelfstandig naamwoord
    • tonic [the ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor tonic:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
elixer levenselixer; tonic; tonicum
tonic levenselixer; tonic; tonicum frisdrank; tonica; versterkend middel

Verwante woorden van "tonic":

  • tonics

Wiktionary: tonic

tonic
noun
  1. carbonated beverage

Cross Translation:
FromToVia
tonic tonic water Tonic Water — chininhaltiges Erfrischungsgetränk mit leicht bitteren Geschmack