Overzicht
Engels naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. impostor:


Engels

Uitgebreide vertaling voor impostor (Engels) in het Nederlands

Spelling Suggesties voor: impostor

impostor:


Synoniemen voor "impostor":


Wiktionary: impostor

impostor
noun
  1. someone who uses assumed identity

Cross Translation:
FromToVia
impostor bedrieger imposteur — Celui qui imputer faussement à quelqu’un quelque chose de préjudiciable et d’odieux.

Computer vertaling door derden:


Nederlands

Suggesties voor impostor in het Nederlands

Spelling Suggesties voor: impostor

Computer vertaling door derden: