Engels naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. i:
  2. I:
  3. Wiktionary:


Uitgebreide vertaling voor I (Engels) in het Nederlands


i bijvoeglijk naamwoord

  1. i (one; 1; ane)
    – used of a single unit or thing; not two or more 1
    een; één
    • een bijvoeglijk naamwoord
    • één bijvoeglijk naamwoord

Vertaal Matrix voor i:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
een 1; ane; i; one a; an; one; single
één 1; ane; i; one

Synoniemen voor "i":

Verwante definities voor "i":

  1. used of a single unit or thing; not two or more1
    • `ane' is Scottish1
  2. the 9th letter of the Roman alphabet1



  1. I (me)

Vertaal Matrix voor I:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- 1; ace; atomic number 53; iodin; iodine; one; single; unity
Not SpecifiedVerwante vertalingenAndere vertalingen
ik me
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
ik I; me

Verwante definities voor "I":

  1. the 9th letter of the Roman alphabet1
  2. the smallest whole number or a numeral representing this number1
  3. a nonmetallic element belonging to the halogens; used especially in medicine and photography and in dyes; occurs naturally only in combination in small quantities (as in sea water or rocks)1

Wiktionary: I

  1. nv.nom

Cross Translation:
I ik ich — 1. Person Singular; Wort zum Hinweis darauf, dass der Sprecher/Schreiber mit dem im selben Satz Folgenden etwas über sich selbst aussagt
I ik je — Première personne du singulier

Verwante vertalingen van I