Overzicht
Engels naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. gypsy:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor Gypsy (Engels) in het Nederlands

gypsy:

gypsy [the ~] zelfstandig naamwoord, Brits

  1. the gypsy (gipsy)
    de zigeuner
    • zigeuner [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor gypsy:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
zigeuner gipsy; gypsy
- gipsy; itinerant
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
- gipsy

Synoniemen voor "gypsy":


Verwante definities voor "gypsy":

  1. a laborer who moves from place to place as demanded by employment1

Wiktionary: gypsy

gypsy
noun
  1. any itinerant person, or any person suspected of making a living from dishonest practices or theft

Cross Translation:
FromToVia
gypsy zigeuner Zigeunerabwertend: Angehöriger der Ethnie der Roma

Gypsy:


Vertaal Matrix voor Gypsy:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- Bohemian; Gipsy; Roma; Romani; Romany; Rommany

Verwante definities voor "Gypsy":

  1. the Indic language of the Gypsies1
  2. a member of a people with dark skin and hair who speak Romany and who traditionally live by seasonal work and fortunetelling; they are believed to have originated in northern India but now are living on all continents (but mostly in Europe, North Africa, 1

Wiktionary: Gypsy

Gypsy
noun
  1. one of the stateless people
  2. a member of the Romani people
Gypsy
noun
  1. een vorm van Romani

Computer vertaling door derden: