Overzicht
Engels naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. abject:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor abject (Engels) in het Zweeds

abject:

abject bijvoeglijk naamwoord

  1. abject (saltless; cowardly; bland; )
    saltfritt; saltfri

Vertaal Matrix voor abject:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- low; low-down; miserable; scummy; scurvy; unhopeful
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
saltfri abject; bland; cowardly; craven; cringing; dim; faint; saltless
saltfritt abject; bland; cowardly; craven; cringing; dim; faint; saltless

Verwante woorden van "abject":

  • abjectness, abjectly

Synoniemen voor "abject":


Verwante definities voor "abject":

  1. showing humiliation or submissiveness1
    • an abject apology1
  2. of the most contemptible kind1
    • abject cowardice1
  3. most unfortunate or miserable1
    • the most abject slaves joined in the revolt1
    • abject poverty1
  4. showing utter resignation or hopelessness1
    • abject surrender1

Wiktionary: abject


Cross Translation:
FromToVia
abject eländig; usel armselig — wegen materieller Armut karg, elend, ärmlich
abject eländig; usel armseligabwertend: als jämmerlich, gering, unzureichend wahrgenommen
abject föraktlig; låg abject — Qui est dans un état d’abjection, qui est rejeté et digne de l’être ; vil, méprisable.
abject utfattig misérable — Qui réduire à la misère ; qui inspirer la pitié.