Overzicht
Engels naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. spoilt:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor spoilt (Engels) in het Zweeds

spoilt:

spoilt bijvoeglijk naamwoord

  1. spoilt
    bortskämd; bortskämt
  2. spoilt (buggered up)
    förstörd; förstört; pajat

spoilt

  1. spoilt

Vertaal Matrix voor spoilt:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- bad; blighted; spoiled
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
bortpjoskad spoilt
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bortskämd spoilt
bortskämt spoilt
förstörd buggered up; spoilt blighted; damaged; destroyed; disfigured; marked; ruined
förstört buggered up; spoilt blighted; destroyed; ruined; ruinous
pajat buggered up; spoilt

Synoniemen voor "spoilt":


Verwante definities voor "spoilt":

  1. affected by blight; anything that mars or prevents growth or prosperity1
  2. (of foodstuffs) not in an edible or usable condition1
    • a refrigerator full of spoilt food1
  3. having the character or disposition harmed by pampering or oversolicitous attention1

Wiktionary: spoilt

spoilt
adjective
  1. food: rendered unusable or inedible
  2. of a child

Verwante vertalingen van spoilt