Overzicht
Spaans naar Engels:   Meer gegevens...
  1. confitura:
  2. Wiktionary:


Spaans

Uitgebreide vertaling voor confitura (Spaans) in het Engels

confitura:

confitura [la ~] zelfstandig naamwoord

  1. la confitura (mermelada)
    the marmelade; the jam; the preserve
    • marmelade [the ~] zelfstandig naamwoord
    • jam [the ~] zelfstandig naamwoord
    • preserve [the ~] zelfstandig naamwoord
  2. la confitura (mermelada)
    the marmalade; the jam
    • marmalade [the ~] zelfstandig naamwoord
    • jam [the ~] zelfstandig naamwoord
  3. la confitura (mermelada; jalea de fruta)
    the jam
    • jam [the ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor confitura:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
jam confitura; jalea de fruta; mermelada acumulación; aglomeración; amontonamiento; atasco; congestión; constipación; estagnación; estancamiento; estiba; fuerza propulsora; impulso; obstrucción; paralización; parón; propulsión; reposo; taponamiento; tracción
marmalade confitura; mermelada
marmelade confitura; mermelada
preserve confitura; mermelada alimentos conservados; conservas
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
jam abarrancarse; apretujar; atascarse; bloqear; encallar; varar
preserve adobar; conservar; conservar en adobo; defensar; derrotar; disimular; embalsamar; enlatar; esconder; guardar; mantenerse; poner en adobo; preservar; proteger

Verwante woorden van "confitura":

  • confituras

Synoniemen voor "confitura":


Wiktionary: confitura

confitura
noun
  1. jam

Cross Translation:
FromToVia
confitura jam KonfitüreMarmelade aus nur einer Fruchtsorte