Spaans

Uitgebreide vertaling voor revolver (Spaans) in het Nederlands

revolver:

revolver werkwoord

  1. revolver (moverse; maniobrar; manejar; )
    bewegen; in beweging brengen; beroeren
    • bewegen werkwoord (beweeg, beweegt, bewoog, bewogen, bewogen)
    • in beweging brengen werkwoord (breng in beweging, brengt in beweging, bracht in beweging, brachten in beweging, in beweging gebracht)
    • beroeren werkwoord (beroer, beroert, beroerde, beroerden, beroerd)
  2. revolver (azotar; pegar; tomar; )
    treffen; beroeren; raken
    • treffen werkwoord (tref, treft, trof, troffen, getroffen)
    • beroeren werkwoord (beroer, beroert, beroerde, beroerden, beroerd)
    • raken werkwoord (raak, raakt, raakte, raakten, geraakt)
  3. revolver (hurgar en)
    rondwroeten; snuffelen
    • rondwroeten werkwoord (wroet rond, wroette rond, wroetten rond, rondgewroet)
    • snuffelen werkwoord (snuffel, snuffelt, snuffelde, snuffelden, gesnuffeld)
  4. revolver (hurgar; disputarse; coger a la arrebatiña)
    in iets rondtasten; graaien; rommelen; grabbelen
    • in iets rondtasten werkwoord
    • graaien werkwoord (graai, graait, graaide, graaiden, gegraaid)
    • rommelen werkwoord (rommel, rommelt, rommelde, rommelden, gerommeld)
    • grabbelen werkwoord (grabbel, grabbelt, grabbelde, grabbelden, gegrabbeld)
  5. revolver (emocionar; mover; conmover)
    treffen; ontroeren
    • treffen werkwoord (tref, treft, trof, troffen, getroffen)
    • ontroeren werkwoord (ontroer, ontroert, ontroerde, ontroerden, ontroerd)
    raken
    – hem een klap, schot of stoot toebrengen 1
    • raken werkwoord (raak, raakt, raakte, raakten, geraakt)
      • de kogel raakte hem in de schouder1
  6. revolver (desordenar)

Conjugations for revolver:

presente
  1. revuelvo
  2. revuelves
  3. revuelve
  4. revolvemos
  5. revolvéis
  6. revuelven
imperfecto
  1. revolvía
  2. revolvías
  3. revolvía
  4. revolvíamos
  5. revolvíais
  6. revolvían
indefinido
  1. revolví
  2. revolviste
  3. revolvió
  4. revolvimos
  5. revolvisteis
  6. revolvieron
fut. de ind.
  1. revolveré
  2. revolverás
  3. revolverá
  4. revolveremos
  5. revolveréis
  6. revolverán
condic.
  1. revolvería
  2. revolverías
  3. revolvería
  4. revolveríamos
  5. revolveríais
  6. revolverían
pres. de subj.
  1. que revuelva
  2. que revuelvas
  3. que revuelva
  4. que revolvamos
  5. que revolváis
  6. que revuelvan
imp. de subj.
  1. que revolviera
  2. que revolvieras
  3. que revolviera
  4. que revolviéramos
  5. que revolvierais
  6. que revolvieran
miscelánea
  1. ¡revuelve!
  2. ¡revolved!
  3. ¡no revuelvas!
  4. ¡no revolváis!
  5. revuelto
  6. revolviendo
1. yo, 2. tú, 3. él/ella/usted, 4. nosotros/nosotras, 5. vosotros/vosotras, 6. ellos/ellas/ustedes

Vertaal Matrix voor revolver:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
raken enfrentamiento
treffen encuentro; enfrentamiento
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
beroeren adoptar; alcanzar; azotar; batir; comer un peón; conmover; dar golpes; despachar; emocionar; encontrar; golpear; ir a pie; manejar; maniobrar; mover; moverse; pegar; poner en movimiento; remover; revolver; tener suerte; tomar agitar; batir; remover un líquido
bewegen despachar; ir a pie; manejar; maniobrar; moverse; poner en movimiento; remover; revolver conmover; mover
graaien coger a la arrebatiña; disputarse; hurgar; revolver agarrar; birlar; hurgar; mangar; pillar
grabbelen coger a la arrebatiña; disputarse; hurgar; revolver agarrar; hurgar; pillar
in beweging brengen despachar; ir a pie; manejar; maniobrar; moverse; poner en movimiento; remover; revolver
in iets rondtasten coger a la arrebatiña; disputarse; hurgar; revolver
ontroeren conmover; emocionar; mover; revolver agarrar; conmocionar
overhoop halen desordenar; revolver
raken adoptar; alcanzar; azotar; batir; comer un peón; conmover; dar golpes; emocionar; encontrar; golpear; mover; pegar; revolver; tener suerte; tomar adoptar; afectar; concenir; conmover; influenciar; influir en; ir a parar en; llegar a; referirse a; tener que ver con; tener suerte; tocar
rommelen coger a la arrebatiña; disputarse; hurgar; revolver chafallar; chapucear; farfullar; hacer mal
rondwroeten hurgar en; revolver
snuffelen hurgar en; revolver absorber por la nariz; agarrar; curiosear; descubrir; divisar; esnifar; hurgar; husmear en; pillar; rastrear; seguir el rastro de
treffen adoptar; alcanzar; azotar; batir; comer un peón; conmover; dar golpes; emocionar; encontrar; golpear; mover; pegar; revolver; tener suerte; tomar adoptar; afectar; conmover; encontrarse; encontrarse con; influenciar; influir en; ir a parar en; juntarse; llegar a; quedarse; reunirse; tener que ver con; tener suerte; tropezarse con; verse

Synoniemen voor "revolver":


Wiktionary: revolver

revolver
verb
  1. de andere zijde boven- of voorleggen

Cross Translation:
FromToVia
revolver slaan beat — to whip
revolver aandoen; aandraaien; aansteken; schakelen; inschakelen tourner — Traductions à trier suivant le sens

Computer vertaling door derden:

Verwante vertalingen van revolver