Overzicht
Spaans naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. quien:
  2. Wiktionary:


Spaans

Uitgebreide vertaling voor quien (Spaans) in het Zweeds

quien:

quien [el ~] zelfstandig naamwoord

  1. el quien (el que; la que)
    personen som; han
  2. el quien (el que; la que)
    den som; han
    • den som zelfstandig naamwoord
    • han zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor quien:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
den som el que; la que; quien
han el que; la que; quien
personen som el que; la que; quien
PronounVerwante vertalingenAndere vertalingen
han él

Wiktionary: quien


Cross Translation:
FromToVia
quien någon; vem som helst; vem som anyone — anybody
quien som; vilken which — (relative) who, whom, what
quien som who — who (relative pronoun)
quien vilken; vilka; som whom — relative pronoun
quien vems whose — of whom (interrogative)
quien vars whose — of whom (relative)
quien den som werverallgemeinernd: derjenige, der; diejenige, die

Verwante vertalingen van quien