Overzicht
Frans naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. proférer des injures:


Frans

Uitgebreide vertaling voor proférer des injures (Frans) in het Nederlands

proférer des injures:

proférer des injures werkwoord

  1. proférer des injures (injurier; insulter; se disputer; )
    schelden; uitschelden; beledigen; uitjouwen; uitmaken voor
    • schelden werkwoord (scheld, scheldt, schold, scholden, gescholden)
    • uitschelden werkwoord (scheld uit, scheldt uit, schold uit, scholden uit, uitgescholden)
    • beledigen werkwoord (beledig, beledigt, beledigde, beledigden, beledigd)
    • uitjouwen werkwoord
    • uitmaken voor werkwoord (maak uit voor, maakt uit voor, maakte uit voor, maakten uit voor, uitgemaakt voor)

Vertaal Matrix voor proférer des injures:

WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
beledigen injurier; insulter; proférer des injures; râler contre; se disputer; se quereller; tempêter contre qn; traiter quelqu'un de tous les noms; vociférer contre qn.
schelden injurier; insulter; proférer des injures; râler contre; se disputer; se quereller; tempêter contre qn; traiter quelqu'un de tous les noms; vociférer contre qn.
uitjouwen injurier; insulter; proférer des injures; râler contre; se disputer; se quereller; tempêter contre qn; traiter quelqu'un de tous les noms; vociférer contre qn. huer
uitmaken voor injurier; insulter; proférer des injures; râler contre; se disputer; se quereller; tempêter contre qn; traiter quelqu'un de tous les noms; vociférer contre qn.
uitschelden injurier; insulter; proférer des injures; râler contre; se disputer; se quereller; tempêter contre qn; traiter quelqu'un de tous les noms; vociférer contre qn. engueuler; enguirlander; incendier; injurier; insulter; invectiver; sonner les cloches à

Verwante vertalingen van proférer des injures