Overzicht
Frans naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. tapeur:


Frans

Uitgebreide vertaling voor tapeur (Frans) in het Nederlands

tapeur:

tapeur [le ~] zelfstandig naamwoord

  1. le tapeur (chipeur; faucheur; écornifleur)
    de bietser
    • bietser [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor tapeur:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bietser chipeur; faucheur; tapeur; écornifleur

Synoniemen voor "tapeur":

  • quémandeur