Overzicht
Frans naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. tic:
  2. Wiktionary:


Frans

Uitgebreide vertaling voor tic (Frans) in het Zweeds

tic:

tic [le ~] zelfstandig naamwoord

  1. le tic (tic nerveux)
    nervryck
  2. le tic (singularité; étrangeté; bizarrerie)
    hyffs
    • hyffs zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor tic:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
hyffs bizarrerie; singularité; tic; étrangeté
nervryck tic; tic nerveux

Synoniemen voor "tic":


Wiktionary: tic


Cross Translation:
FromToVia
tic egenhet Mackesalopp; auf Personen bezogen: sonderbare Eigenart

Verwante vertalingen van tic