Nederlands

Uitgebreide vertaling voor heftig (Nederlands) in het Duits

heftig:

heftig bijvoeglijk naamwoord

  1. heftig (hevig; krachtig; erg; fel)
    heftig; stark; hitzig; feurig; schlimm; kräftig; erregt; gereizt; intensiv; hart; gewaltsam; inbrünstig
  2. heftig (hevig; intens)
    heftig; intensiv
  3. heftig (onstuimig; onbeheerst)
    heftig; stürmisch; unbändig; tosend; ungestüm; wild
  4. heftig (hevig)
    heftig; sehr
    • heftig bijvoeglijk naamwoord
    • sehr bijvoeglijk naamwoord
  5. heftig (hevig)
    heftig; stürmisch; leidenschaftlich; hitzig; zornig; jähzornig; ungestüm; auffahrend
  6. heftig (hevig; verwoed; fel)
    heftig; intens; leidenschaftlich; hitzig; ungestüm
  7. heftig (onbeheerst; onstuimig)
    grimmig; hemmungslos; gellend; hell; hart; scharf; grob; leidenschaftlich; grell; heftig; bewegt; stürmisch; hitzig; höllisch; jähzornig; temperamentvoll; klirrend; ungestüm; unbeherrscht; auffahrend
  8. heftig (gepassioneerd; hartstochtelijk; vurig; met hevige passie)
    begeistert; aufgeregt; leidenschaftlich; hitzig; erregt; aufgebracht; enthusiastisch; feurig

Vertaal Matrix voor heftig:

BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
auffahrend heftig; hevig; onbeheerst; onstuimig
aufgebracht gepassioneerd; hartstochtelijk; heftig; met hevige passie; vurig bitter; boos; furieus; geagiteerd; gebelgd; gekwetst; gepikeerd; geprikkeld; giftig; kwaad; levendig; misnoegd; nijdig; ontevreden; ontstemd; razend; spinnijdig; toornig; verhit; verontwaardigd; verstoord; vertoornd; woedend; woest; wrevelig; zeer boos; ziedend
aufgeregt gepassioneerd; hartstochtelijk; heftig; met hevige passie; vurig boos; furieus; geagiteerd; gebelgd; geil; gekwetst; gepikeerd; geprikkeld; geërgerd; geïrriteerd; heet; hitsig; kwaad; levendig; misnoegd; nijdig; ontstemd; opgewonden; razend; seksueel opgewonden; spinnijdig; toornig; verhit; verontwaardigd; verstoord; vertoornd; woest; wrevelig; ziedend
begeistert gepassioneerd; hartstochtelijk; heftig; met hevige passie; vurig bevlogen; bezield; blij; blijgeestig; blijmoedig; dartel; dolblij; enthousiast; fideel; fleurig; geestdriftig; geestig; geil; goed geluimd; heet; hitsig; inblij; jolig; kleurig; kwiek; levendig; lustig; monter; ontzettend blij; opgeruimd; opgetogen; opgewekt; opgewonden; seksueel opgewonden; uitgelaten; verblijd; verheugd; vrolijk; wakker; welgemoed; welgestemd; zonnig
bewegt heftig; onbeheerst; onstuimig aangedaan; aangegrepen; aangeslagen; bewogen; emotioneel; gepassioneerd; geraakt; geroerd; getroffen; gevoelig; gevoelvol; geëmotioneerd; kapot van; onrustig; roerig; turbulent; veelbewogen; woelig
enthusiastisch gepassioneerd; hartstochtelijk; heftig; met hevige passie; vurig bevlogen; bezield; enthousiast; geestdriftig; geil; heet; hitsig; opgewonden; seksueel opgewonden
erregt erg; fel; gepassioneerd; hartstochtelijk; heftig; hevig; krachtig; met hevige passie; vurig aangebrand; geagiteerd; geil; gepikeerd; geprikkeld; geërgerd; geïrriteerd; heet; heetbloedig; heethoofdig; hitsig; levendig; misnoegd; ontstemd; opgewonden; pissig; prikkelbaar; seksueel opgewonden; verhit; vurig; wrevelig
feurig erg; fel; gepassioneerd; hartstochtelijk; heftig; hevig; krachtig; met hevige passie; vurig brandend; fel; fonkelend; geagiteerd; geil; gekruid; gepassioneerd; gepeperd; gloedvol; gloeiend; hartig; hartstochtelijk; heet; heetbloedig; heethoofdig; hevig; hitsig; levendig; meedogenloos; opgewonden; pikant; pittig; seksueel opgewonden; stormachtig; temperamentvol; verhit; vlammend; vurig; warm; warmbloedig; wreed
gellend heftig; onbeheerst; onstuimig bitter teleurgesteld; hard; hoog; schel; scherp; schril; snerpend; verbitterd
gereizt erg; fel; heftig; hevig; krachtig aangebrand; geil; geprikkeld; gespannen; gestressd; geërgerd; geïrriteerd; heet; hitsig; opgefokt; opgehitst; opgejaagd; opgewonden; pissig; prikkelbaar; seksueel opgewonden
gewaltsam erg; fel; heftig; hevig; krachtig aanvallend; agressief; brutaal; gewelddadig; hard; hardhandig; hondsbrutaal; offensief; onzacht; ruw; vrijpostig
grell heftig; onbeheerst; onstuimig bitter teleurgesteld; felle; hard; hel; hoog; meedogenloos; schel; scherp; schril; snerpend; verbitterd; wreed
grimmig heftig; onbeheerst; onstuimig bitter teleurgesteld; boos; brommerig; felle; furieus; gebelgd; gebeten; giftig; grimmig; kwaad; misnoegd; mopperig; naargeestig; nijdig; ondragelijk; ontevreden; onverdraagbaar; razend; somber; spinnijdig; toornig; triest; troosteloos; verbeten; verbitterd; verbolgen; vertoornd; woest; ziedend; zwaarmoedig
grob heftig; onbeheerst; onstuimig aanmatigend; afgedempt; banaal; barbaars; beestachtig; bot; brutaal; bruut; dierlijk; dorps; gedempt; godgeklaagd; grof; grofgebouwd; hard; hardhandig; hemeltergend; honds; hondsbrutaal; inhumaan; krukkig; laag-bij-de-grond; log; lomp; meedogenloos; monsterlijk; niet helder; onbeholpen; onbehouwen; onbeschaafd; onbeschaamd; onbeschoft; onduidelijk; ongegeneerd; ongepast; onhandig; onhebbelijk; onheus; onkies; onmenselijk; onopgevoed; onsierlijk van gedaante; onvertogen; onvriendelijk; onzacht; plat; platvloers; plomp; respectloos; ruw; schunnig; schutterig; slungelig; stumperig; stuntelig; sukkelig; ten hemel schreiend; triviaal; vaag; verkeerd; verregaand; vervaagd; vrijpostig; vunzig; weggezakt in het geheugen; wreed; zeer ergerlijk
hart erg; fel; heftig; hevig; krachtig; onbeheerst; onstuimig barbaars; beestachtig; bikkelhard; bitter teleurgesteld; bruut; hard; hardop; ijzerhard; inhumaan; keihard; luid; massief; meedogenloos; monsterlijk; niet hol; ondragelijk; onmenselijk; onverbiddelijk; onverbiddelijke; onverdraagbaar; onvermurwbaar; oorverdovend; rakelings; staalhard; steenhard; ternauwernood; verbitterd; wreed
heftig erg; fel; heftig; hevig; intens; krachtig; onbeheerst; onstuimig; verwoed bitter teleurgesteld; driftig; heetbloedig; heethoofdig; intens; intensief; meedogenloos; niet terughoudend; ondragelijk; ongeremd; onverdraagbaar; verbitterd; wreed
hell heftig; onbeheerst; onstuimig bitter teleurgesteld; hel; helder; in details; klaar; klare; licht; lichtgevend; lumineus; niet donker; onbewolkt; uitgewerkt; verbitterd
hemmungslos heftig; onbeheerst; onstuimig gepassioneerd; hartstochtelijk; heetbloedig; niet terughoudend; ongeremd; stormachtig; temperamentvol; vrijgevochten; vurig; warmbloedig
hitzig erg; fel; gepassioneerd; hartstochtelijk; heftig; hevig; krachtig; met hevige passie; onbeheerst; onstuimig; verwoed; vurig driftig; geagiteerd; geil; gepassioneerd; hartstochtelijk; heet; heetbloedig; heetgebakerd; hitsig; koortsig; levendig; opgewonden; seksueel opgewonden; stormachtig; temperamentvol; verhit; vurig; warmbloedig
höllisch heftig; onbeheerst; onstuimig bitter teleurgesteld; hard; hoog; schel; scherp; schril; snerpend; verbitterd
inbrünstig erg; fel; heftig; hevig; krachtig diepgevoeld; geil; gepassioneerd; hartstochtelijk; heet; heetbloedig; hitsig; innig; opgewonden; seksueel opgewonden; stormachtig; temperamentvol; verhit; vurig; warmbloedig
intens fel; heftig; hevig; verwoed
intensiv erg; fel; heftig; hevig; intens; krachtig doortastend; drastisch; ferm; intens; intensief; krachtdadig; krachtig
jähzornig heftig; hevig; onbeheerst; onstuimig boos; furieus; giftig; kwaad; kwaadaardig; nijdig; razend; spinnijdig; toornig; venijnig; vertoornd; woest; ziedend
klirrend heftig; onbeheerst; onstuimig bitter teleurgesteld; verbitterd
kräftig erg; fel; heftig; hevig; krachtig betrouwbaar; breed; daadkrachtig; degelijk; deugdelijk; doortastend; drastisch; dynamisch; energiek; ferm; fiks; flink; fors; fysiek sterk; geanimeerd; krachtdadig; krachtig; levendig; massief; met een krachtige uitwerking; niet hol; potig; robuust; solide; sterk; stevig; stevig gebouwd; uit de kluiten gewassen; vief; vol fut
leidenschaftlich fel; gepassioneerd; hartstochtelijk; heftig; hevig; met hevige passie; onbeheerst; onstuimig; verwoed; vurig fervent; gepassioneerd; hartstochtelijk; heetbloedig; heethoofdig; stormachtig; temperamentvol; verhit; vurig; warmbloedig
scharf heftig; onbeheerst; onstuimig agressief; barbaars; beestachtig; bijtend; bijterig; bits; brandend; bruut; fel; felle; fonkelend; geducht; gekruid; gepeperd; gewelddadig; gloeiend; goed snijdend; hanig; hartig; heet; hel; hevig; in hoge mate; inbijtend; inhumaan; invretend; inwerkend; kattig; kruidig; messcherp; met sarcasme; monsterlijk; onmenselijk; onvriendelijk; pikant; pinnig; pittig; sarcastisch; scherp; scherp van smaak; scherpgerand; smaak prikkelend; snauwerig; snibbig; spinnig; vinnig; vlijmend; vlijmscherp; vurig; warm; wreed
schlimm erg; fel; heftig; hevig; krachtig argwaan opwekkend; brutaal; delicaat; erg; ernstig; gemeen; hachelijk; heel erg; hondsbrutaal; ijzingwekkend; kritiek; kwaadwillig; kwalijk; lastig; met slechte intentie; min; netelig; ontzettend; penibel; ploertig; precair; schrikbarend; schrikwekkend; slecht; snood; vals; van bedenkelijke aard; verdacht; verschrikkelijk; vreselijk; vrijpostig
sehr heftig; hevig behoorlijk; behoorlijke; erg; in hoge mate
stark erg; fel; heftig; hevig; krachtig agressief; breed; dapper; dik; dikwijls; fantastisch; ferm; flink; fors; frequent; fysiek sterk; gaaf; geducht; gestreng; gewelddadig; geweldig; gigantisch; grandioos; groots; heldhaftig; heroïsch; immens; in details; in hoge mate; kloek; kolossaal; krachtig; lijvig; magnifiek; massief; meermaals; menigmaal; mieters; moedig; niet hol; niet toegevend; onverschrokken; potig; regelmatig; reusachtig; schitterend; stabiel; sterk; stevig; stout; stoutmoedig; streng; tof; uit de kluiten gewassen; uitgewerkt; uitnemend; uitstekend; vaak; veelvuldig; vet; voortreffelijk; zeer groot; zwaar van lijf
stürmisch heftig; hevig; onbeheerst; onstuimig agressief; bevlogen; bezield; bitter teleurgesteld; enthousiast; geestdriftig; gewelddadig; niet terughoudend; ongeremd; ovationeel; stormend; verbitterd
temperamentvoll heftig; onbeheerst; onstuimig gepassioneerd; hartstochtelijk; heetbloedig; heethoofdig; stormachtig; temperamentvol; vurig; warmbloedig
tosend heftig; onbeheerst; onstuimig daverend; donderend; hard; hardop; luid
unbeherrscht heftig; onbeheerst; onstuimig
unbändig heftig; onbeheerst; onstuimig bandeloos; roezemoezig; verwilderd
ungestüm fel; heftig; hevig; onbeheerst; onstuimig; verwoed agressief; bewogen; boos; furieus; gepassioneerd; gewelddadig; hartstochtelijk; heetbloedig; kwaad; nijdig; onrustig; razend; roerig; spinnijdig; stormachtig; temperamentvol; toornig; turbulent; veelbewogen; vertoornd; vurig; warmbloedig; woelig; woest; ziedend
wild heftig; onbeheerst; onstuimig agressief; barbaars; beestachtig; bitter teleurgesteld; bot; bruut; gewelddadig; hard; hardhandig; inhumaan; lomp; monsterlijk; onbehouwen; onbeschaafd; onmenselijk; onopgevoed; onzacht; ruw; stoeiziek; tureluurs; verbitterd; wreed
zornig heftig; hevig boos; dol; furieus; gebelgd; gemeen; giftig; hels; kwaad; kwaadwillig; laaiend; met slechte intentie; nijdig; razend; slecht; spinnijdig; tierend; toornig; vals; verbolgen; vertoornd; woedend; woest; ziedend

Verwante woorden van "heftig":

  • heftigheid, heftiger, heftigere, heftigst, heftigste, heftige

Verwante definities voor "heftig":

  1. fel en onstuimig1
    • ze hadden een heftige ruzie1

Wiktionary: heftig

heftig
adjective
  1. extreem in mate
adverb
  1. in extreme mate

Cross Translation:
FromToVia
heftig vehement; heftig vehement — showing strong feelings; passionate; forceful or intense

Computer vertaling door derden:

Verwante vertalingen van heftig



Duits

Uitgebreide vertaling voor heftig (Duits) in het Nederlands

heftig:

heftig bijvoeglijk naamwoord

  1. heftig (gewaltsam; stark; hitzig; )
    heftig; krachtig; erg; hevig; fel
    • heftig bijvoeglijk naamwoord
    • krachtig bijvoeglijk naamwoord
    • erg bijvoeglijk naamwoord
    • hevig bijvoeglijk naamwoord
    • fel bijvoeglijk naamwoord
  2. heftig (intens; leidenschaftlich; hitzig; ungestüm)
    hevig; heftig; verwoed; fel
    • hevig bijvoeglijk naamwoord
    • heftig bijvoeglijk naamwoord
    • verwoed bijvoeglijk naamwoord
    • fel bijvoeglijk naamwoord
  3. heftig (intensiv)
    heftig; intens; hevig
    • heftig bijvoeglijk naamwoord
    • intens bijvoeglijk naamwoord
    • hevig bijvoeglijk naamwoord
  4. heftig (anzüglich; gefühllos; hart; )
    wreed; meedogenloos
  5. heftig (stürmisch; leidenschaftlich; hitzig; )
    heftig; hevig
    • heftig bijvoeglijk naamwoord
    • hevig bijvoeglijk naamwoord
  6. heftig (intensiv; gewaltig)
    intensief; intens
  7. heftig (hitzköpfig; hitzig)
    driftig
  8. heftig (grimmig; bitter; hart)
    onverdraagbaar; ondragelijk
  9. heftig (hitzköpfig; kolerisch; leidenschaftlich; )
    heetbloedig; heethoofdig
  10. heftig (bitter entäuscht; verbittert; hell; )
    verbitterd; bitter teleurgesteld
  11. heftig (hemmungslos; stürmisch)
    ongeremd; niet terughoudend
  12. heftig (unbeherrscht; grimmig; hemmungslos; )
    heftig; onbeheerst; onstuimig

Vertaal Matrix voor heftig:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
driftig heftig; hitzig; hitzköpfig
erg erregt; feurig; gereizt; gewaltsam; hart; heftig; hitzig; inbrünstig; intensiv; kräftig; schlimm; stark armselig; besonders; ernst; gehörig; kritisch; schlimm; sehr
fel erregt; feurig; gereizt; gewaltsam; hart; heftig; hitzig; inbrünstig; intens; intensiv; kräftig; leidenschaftlich; schlimm; stark; ungestüm beißend; bissig; brennend; entzündet; feurig; scharf; spitzig
heethoofdig erregt; feurig; heftig; hitzköpfig; kolerisch; leidenschaftlich; temperamentvoll
heftig auffahrend; bewegt; erregt; feurig; gellend; gereizt; gewaltsam; grell; grimmig; grob; hart; heftig; hell; hemmungslos; hitzig; höllisch; inbrünstig; intens; intensiv; jähzornig; klirrend; kräftig; leidenschaftlich; scharf; schlimm; sehr; stark; stürmisch; temperamentvoll; tosend; unbeherrscht; unbändig; ungestüm; wild; zornig aufgebracht; aufgeregt; begeistert; enthusiastisch; erregt; feurig; hitzig; leidenschaftlich
hevig auffahrend; erregt; feurig; gereizt; gewaltsam; hart; heftig; hitzig; inbrünstig; intens; intensiv; jähzornig; kräftig; leidenschaftlich; schlimm; sehr; stark; stürmisch; ungestüm; zornig brennend; entzündet; feurig; scharf
intens gewaltig; heftig; intensiv herzlich; innig; tief; zärtlich
intensief gewaltig; heftig; intensiv
krachtig erregt; feurig; gereizt; gewaltsam; hart; heftig; hitzig; inbrünstig; intensiv; kräftig; schlimm; stark dehnbar; drastisch; durchgreifend; effektiv; effizient; eingehend; elastisch; energisch; entschieden; entschlossen; federnd; fest; forsch; gelenkig; gummiartig; intensiv; kraftvoll; kräftig; mit Nachdruck; mit einer kräftigen Auswirkung; nachdrücklich; spannkräftig; stark; stattlich; stramm; stämmig; tatkräftig; zweckmäßig
meedogenloos anzüglich; barbarisch; beißend; bestialisch; bissig; eckig; feurig; gefühllos; geharnischt; grausam; grell; grob; hart; heftig; kaltblütig; kantig; unmenschlich erbarmungslos; gewissenlos; gnadenlos; mitleidslos; schonungslos; unbarmherzig
onbeheerst auffahrend; bewegt; gellend; grell; grimmig; grob; hart; heftig; hell; hemmungslos; hitzig; höllisch; jähzornig; klirrend; leidenschaftlich; scharf; stürmisch; temperamentvoll; tosend; unbeherrscht; unbändig; ungestüm; wild
ongeremd heftig; hemmungslos; stürmisch
onstuimig auffahrend; bewegt; gellend; grell; grimmig; grob; hart; heftig; hell; hemmungslos; hitzig; höllisch; jähzornig; klirrend; leidenschaftlich; scharf; stürmisch; temperamentvoll; tosend; unbeherrscht; unbändig; ungestüm; wild unaufhaltsam; unbezwingbar
verbitterd beißend; bissig; bitter entäuscht; geharnischt; gellend; grell; grimmig; haarig; hart; heftig; hell; höllisch; klirrend; rasend; roh; rüde; schneidig; schnippisch; stürmisch; tobend; tüchtig; verbittert; wild; wüst; wütend; öde
verwoed heftig; hitzig; intens; leidenschaftlich; ungestüm arbeitsam; emsig; fleißig
wreed anzüglich; barbarisch; beißend; bestialisch; bissig; eckig; feurig; gefühllos; geharnischt; grausam; grell; grob; hart; heftig; kaltblütig; kantig; unmenschlich abscheuerregend; abscheulich; barbarisch; bestialisch; brutal; entsetzlich; furchtbar; fürchterlich; gewaltig; grauenerregend; grausam; grausig; grob; gräßlich; hart; herzlos; roh; scharf; schauervoll; schaurig; scheußlich; schrecklich; unmenschlich; wild
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bitter teleurgesteld beißend; bissig; bitter entäuscht; geharnischt; gellend; grell; grimmig; haarig; hart; heftig; hell; höllisch; klirrend; rasend; roh; rüde; schneidig; schnippisch; stürmisch; tobend; tüchtig; verbittert; wild; wüst; wütend; öde
heetbloedig erregt; feurig; heftig; hitzköpfig; kolerisch; leidenschaftlich; temperamentvoll eifrig; feurig; heißblütig; hemmungslos; hingebungsvoll; hitzig; hitzköpfig; inbrünstig; leidenschaftlich; passioniert; temperamentvoll; ungestüm
niet terughoudend heftig; hemmungslos; stürmisch
ondragelijk bitter; grimmig; hart; heftig
onverdraagbaar bitter; grimmig; hart; heftig

Synoniemen voor "heftig":


Wiktionary: heftig

heftig heftig
adjective
  1. hevig, scherp
  2. (van uitingen) met groot verlangen of grote liefde
  3. extreem in mate
adverb
  1. op eene wijze die van hartstocht blijk geeft
  2. in extreme mate

Cross Translation:
FromToVia
heftig fel; heftig; hartstochtelijk vehement — showing strong feelings; passionate; forceful or intense
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend acerbe — Qui est d’un goût âpre, se dit d’un vin acide, dur et âpre
heftig guur; scherp; snerpend; snijdend; vlijmend; hatelijk; bijtend; doordringend; fel; schel; schril; zuur aigre — Qui a une saveur acide et amère provoquant un sentiment désagréable.
heftig schril; schel; snerpend; hatelijk; acuut; helder; scherp; bijtend; doordringend; fel; guur aigu — Qui a un aspect pointu, tranchant, voire déchirer.
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend coupant — Qui couper.
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend cuisant — Qui produire une douleur âpre et aiguë.
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend; fijn; spitsvondig; subtiel; ad rem; geestig; gevat; snedig; gekuist findélié, menu, mince ou étroit.
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend incisif — Qui couper ou qui est propre à couper.
heftig bekommerd; bezorgd; ongerust; zorgelijk; bang; beducht; druk; gejaagd; onrustig; rusteloos; woelig inquiet — Qui est dans quelques troubles, dans quelques agitations d’esprit, soit par craintes, soit par irrésolutions et incertitudes.
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend mordant — didact|fr Qui mordre.
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend; bits; snibbig perçant — Qui percer, qui pénétrer.
heftig pikant; guur; scherp; snerpend; snijdend; vlijmend; kruidig; prikkelend; hatelijk; bijtend; doordringend; fel; schel; schril piquant — Qui piquer.
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend; puntig; spits; vooruitstrevend pointu — Qui se termine en pointe
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend pénétrant — Qui pénétrer.
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend; merkwaardig; opmerkelijk; op de voorgrond tredend; prominent; uitstekend; vooruitstekend saillant — Qui avancer, qui sortir en dehors.
heftig bitter; bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend âcre — Qui a quelque chose de piquant et d’irritant.
heftig bijtend; doordringend; fel; guur; schel; scherp; schril; snerpend âpre — Qui, par sa rudesse ou son âcreté, produit une sensation désagréable aux organes du toucher, de l’ouïe ou du goût.

Computer vertaling door derden:

Verwante vertalingen van heftig