Nederlands

Uitgebreide vertaling voor nu (Nederlands) in het Duits

nu:

nu bijwoord

  1. nu (op dit moment; momenteel; tegenwoordig; nou)
    jetzt; im Moment; in diesem Moment; zur Zeit; momentan; im Augenblick; auf der Stelle; augenblicklich
  2. nu (momenteel; op het moment; thans)
    nun; jetzt; in diesem Moment

Vertaal Matrix voor nu:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- tegenwoordig
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
- nou; thans
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
auf der Stelle momenteel; nou; nu; op dit moment; tegenwoordig bijna; dadelijk; direct; frontaal; gauw; gezwind; haast; klassikaal; nagenoeg; ogenblikkelijk; onverwijld; schier; welhaast; zo meteen
augenblicklich momenteel; nou; nu; op dit moment; tegenwoordig dadelijk; direct; gelijk; hedendaags; huidig; meteen; momenteel; ogenblikkelijk; onmiddellijk; onverwijld; op dit ogenblik; prompt; tegenwoordig; terstond; van nu; van vandaag; vooralsnog; vooreerst; voorlopig; voorshands; zo meteen
im Augenblick momenteel; nou; nu; op dit moment; tegenwoordig hedendaags; huidig; tegenwoordig; van het ogenblik; van nu; van vandaag; voor het moment
im Moment momenteel; nou; nu; op dit moment; tegenwoordig hedendaags; huidig; tegenwoordig; van het ogenblik; van nu; van vandaag; voor het moment
in diesem Moment momenteel; nou; nu; op dit moment; op het moment; tegenwoordig; thans op dat moment; van het moment
jetzt momenteel; nou; nu; op dit moment; op het moment; tegenwoordig; thans hedendaags; huidig; op dat moment; op het moment; tegenwoordig; thans; van nu; van vandaag
momentan momenteel; nou; nu; op dit moment; tegenwoordig hedendaags; huidig; tegenwoordig; van nu; van vandaag; vooralsnog; vooreerst; voorlopig; voorshands
nun momenteel; nu; op het moment; thans wel; welnu
zur Zeit momenteel; nou; nu; op dit moment; tegenwoordig op het moment; vandaag de dag

Synoniemen voor "nu":


Antoniemen van "nu":


Verwante definities voor "nu":

  1. op dit moment1
    • ik wil het nu van je weten1
  2. in deze tijd1
    • het hier en nu1

Wiktionary: nu

nu
adverb
  1. op het huidige tijdstip
nu
adverb
  1. nun, in diesem Moment
adjective
  1. adverbiell: jetzt, in diesem Moment

Cross Translation:
FromToVia
nu künftig; fortan; hinfort; fürderhin henceforth — from now on
nu nun; jetzt now — at the present time
nu Jetzt now — the present time
nu nun now — since, because
nu zur Zeit; gegenwärtig; jetzt; derzeitig; momentan; zurzeit nowadays — at the present time
nu Ny nu — name for the letter of the Greek alphabet: Ν and ν

Verwante vertalingen van nu



Duits

Uitgebreide vertaling voor nu (Duits) in het Nederlands

Nuß:

Nuß [die ~] zelfstandig naamwoord

  1. die Nuß (Fruchtkern; Kern; Stein)
    binnenste van een vrucht; de pit

Vertaal Matrix voor Nuß:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
binnenste van een vrucht Fruchtkern; Kern; Nuß; Stein
pit Fruchtkern; Kern; Nuß; Stein Docht; Dochte; Elan; Kern; Kerzendocht; Schwung