Overzicht
Nederlands naar Engels:   Meer gegevens...
  1. programmeur:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor programmeur (Nederlands) in het Engels

programmeur:

programmeur [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de programmeur
    the programmer

Vertaal Matrix voor programmeur:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
programmer programmeur

Verwante woorden van "programmeur":

  • programmeurs

Wiktionary: programmeur

programmeur
noun
  1. software programmer
  2. one who designs software