Overzicht
Nederlands naar Frans:   Meer gegevens...
  1. gesp:
  2. gespen:
  3. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor gesp (Nederlands) in het Frans

gesp:

gesp [de ~] zelfstandig naamwoord

  1. de gesp
    la boucle
    • boucle [la ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor gesp:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
boucle gesp buiging; draai; haarkrul; haarlok; kink; knoop; koppelgesp; kromming; kronkel; krul; krullende haarlok; krulletje; krulvorm; lok; looping; lus; lusvormige kromming

Verwante woorden van "gesp":


Wiktionary: gesp

gesp
noun
  1. (f)/(m)
gesp
noun
  1. anneau qui ferme une ceinture

Cross Translation:
FromToVia
gesp boucle buckle — belt clasp
gesp fermoir clasp — fastener or holder

gesp vorm van gespen:

gespen werkwoord (gesp, gespt, gespte, gespten, gegespt)

  1. gespen
    boucler
    • boucler werkwoord (boucle, boucles, bouclons, bouclez, )

Conjugations for gespen:

o.t.t.
  1. gesp
  2. gespt
  3. gespt
  4. gespen
  5. gespen
  6. gespen
o.v.t.
  1. gespte
  2. gespte
  3. gespte
  4. gespten
  5. gespten
  6. gespten
v.t.t.
  1. heb gegespt
  2. hebt gegespt
  3. heeft gegespt
  4. hebben gegespt
  5. hebben gegespt
  6. hebben gegespt
v.v.t.
  1. had gegespt
  2. had gegespt
  3. had gegespt
  4. hadden gegespt
  5. hadden gegespt
  6. hadden gegespt
o.t.t.t.
  1. zal gespen
  2. zult gespen
  3. zal gespen
  4. zullen gespen
  5. zullen gespen
  6. zullen gespen
o.v.t.t.
  1. zou gespen
  2. zou gespen
  3. zou gespen
  4. zouden gespen
  5. zouden gespen
  6. zouden gespen
en verder
  1. is gegespt
  2. zijn gegespt
diversen
  1. gesp!
  2. gespt!
  3. gegespt
  4. gespend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Vertaal Matrix voor gespen:

WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
boucler gespen aangespen; aantrekken; afgrendelen; afsluiten; borgen; dichtbinden; dichtdoen; dichtgespen; dichtmaken; dichtsnoeren; dichttrekken; grendelen; in de krul zetten; kroezen; krullen; locken; omgespen; op slot doen; op slot zetten; sluiten; toebinden; toedoen; toegespen; toemaken; toetrekken; vastgespen; vergrendelen

Verwante woorden van "gespen":