Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. evangelie:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor evangelie (Nederlands) in het Zweeds

evangelie:

evangelie [het ~] zelfstandig naamwoord

  1. het evangelie
    evangelium

Vertaal Matrix voor evangelie:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
evangelium evangelie

Verwante woorden van "evangelie":

  • evangelies

Wiktionary: evangelie

evangelie
noun
  1. religie|nld de blijde boodschap die het christendom predikt