Overzicht
Zweeds naar Duits:   Meer gegevens...
  1. endast:
  2. Wiktionary:


Zweeds

Uitgebreide vertaling voor endast (Zweeds) in het Duits

endast:

endast bijvoeglijk naamwoord

  1. endast
    nur; bloß
    • nur bijvoeglijk naamwoord
    • bloß bijvoeglijk naamwoord
  2. endast (uteslutande)
    ausschließlich; exklusiv

Vertaal Matrix voor endast:

BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
ausschließlich endast; uteslutande gediget; oblandat; ovanlig; ovanligt; ren; rent; specialt; så när som på; äkta
bloß endast bart; naken; naket
exklusiv endast; uteslutande exklusiv; exklusivt; ovanlig; ovanligt; specialt; säregen; säreget; unik; unikt
nur endast befogat; berättigad; berättigat; ensam

Synoniemen voor "endast":


Wiktionary: endast

endast
adjective
  1. allein, alleinig, nur
  2. als Adverb: in Verbindung mit anderen Verben als in [1] genannt: ausschließlich anderer Personen, Gegenstände, Umstände; nur

Cross Translation:
FromToVia
endast ausschließlich; nur; allein alone — only
endast nur; einzig alleen — slechts
endast nur; allein; bloß; lediglich; erst; einfach seulement — Uniquement, rien que… (sens général)
endast nur; bloß; einzig uniquement — Exclusivement à tout autre.