Overzicht
Zweeds naar Duits:   Meer gegevens...
  1. stav:
  2. Wiktionary:


Zweeds

Uitgebreide vertaling voor stav (Zweeds) in het Duits

stav:

stav [-en] zelfstandig naamwoord

  1. stav (stavhoppsstav)
    der Sprungstab; der Stab
    • Sprungstab [der ~] zelfstandig naamwoord
    • Stab [der ~] zelfstandig naamwoord
  2. stav (stång; käpp)
    der Stock; der Stab; die Stange
    • Stock [der ~] zelfstandig naamwoord
    • Stab [der ~] zelfstandig naamwoord
    • Stange [die ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor stav:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
Sprungstab stav; stavhoppsstav
Stab käpp; stav; stavhoppsstav; stång bjälke; ribba; stafettpinne; stång; taktpinne
Stange käpp; stav; stång bjälke; chokladstång; käpp; liten guld tacka; påle; ribba; stake; stång
Stock käpp; stav; stång bikupa; djurbestånd; djurkoloni; intensifiering; nivå; plan; våning; våningsplan

Synoniemen voor "stav":


Wiktionary: stav

stav
noun
  1. länglicher zylindrischer Gegenstand
  2. längliches Metallstück, zum Beispiel aus Eisen, Stahl, Gold oder Silber
  3. gebogener Seitenwandteil des Fasses

Cross Translation:
FromToVia
stav Stab; Stange pole — long and slender object
stav Stange rod — straight round stick, shaft, or bar
stav Stäbchen rod — part of the retina of the eye
stav Stab staff — long, straight stick
stav Stab stick — long piece of wood
stav Stock stick — cylindrical piece (of chalk, wax etc)
stav Stab; Stöckchen baguette — Petit bâton mince
stav Barre; Stange; Stab; Stecken; Stock bâton — Morceau de bois assez long
stav Angel; Spazierstock; Stock; Angelrute; Stab; Stecken canne — Nom générique donner à plusieurs espèces de roseaux, tels que le roseau commun, la canne d’Inde, la canne odorante, le bambou, etc.