Overzicht
Zweeds naar Duits:   Meer gegevens...
  1. varm:
  2. Wiktionary:


Zweeds

Uitgebreide vertaling voor varm (Zweeds) in het Duits

varm:

varm bijvoeglijk naamwoord

  1. varm
    heiß
    • heiß bijvoeglijk naamwoord
  2. varm
    aussichtsreich

varm

  1. varm

Vertaal Matrix voor varm:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
aussichtsreich varm
heiß varm
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
warm varm
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
heiß hett; hjärtligt; kått; liderlig; liderligt; sexuellt upphetsad; sexuellt upphetsat; sinnligt retande; tänd; tänt; upphetsad; upphetsat; vällustigt; vänlig; vänligt
warm hjärtligt; vänlig; vänligt

Synoniemen voor "varm":


Wiktionary: varm

varm
adjective
  1. von hoher Temperatur (zwischen lau und heiß)

Cross Translation:
FromToVia
varm heiß hot — of the weather
varm heiß hot — having a high temperature
varm warm warm — having a temperature slightly higher than usual
varm warm; heiß chaud — De température plus haute que la normale, de température élevée.

Verwante vertalingen van varm