Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. Kreischen:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Kreischen (Duits) in het Zweeds

Kreischen:

Kreischen [das ~] zelfstandig naamwoord

  1. Kreischen (Gebrüll; Gekreisch; Schreien; )
    tjutande; skrikande; rytande; vrålanede
  2. Kreischen (Gebrüll; Gekreisch)
    tjutande; skrikande; gällt visslande

Vertaal Matrix voor Kreischen:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
gällt visslande Gebrüll; Gekreisch; Kreischen
rytande Gebrüll; Gekreisch; Geschrei; Kreischen; Schreien; Spektakel; Zetergeschrei Gebrüll; Gegröle; Gejohle; Gepolter; Geschimpfe; Johlen; Schreien; Zetergeschrei
skrikande Gebrüll; Gekreisch; Geschrei; Kreischen; Schreien; Spektakel; Zetergeschrei Gebrüll; Gegröle; Gekreisch; Geschrei; Gezeter
tjutande Gebrüll; Gekreisch; Geschrei; Kreischen; Schreien; Spektakel; Zetergeschrei
vrålanede Gebrüll; Gekreisch; Geschrei; Kreischen; Schreien; Spektakel; Zetergeschrei

Wiktionary: Kreischen


Cross Translation:
FromToVia
Kreischen skrik; skri squeal — a high-pitched sound, as a scream of a child, or noisy worn-down brake pads