Overzicht
Duits naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. Nadel:
  2. Wiktionary:


Duits

Uitgebreide vertaling voor Nadel (Duits) in het Zweeds

Nadel:

Nadel [die ~] zelfstandig naamwoord

  1. die Nadel
    nål
    • nål [-en] zelfstandig naamwoord
  2. die Nadel (Anstecknadel; Stecknadel; Spange; Haarnadel; kleine Nadel)
    pinne
    • pinne [-en] zelfstandig naamwoord
  3. die Nadel (Bolz; Stift; Zapfen; )
    pinne; sprint; plugg; bult; tapp
    • pinne [-en] zelfstandig naamwoord
    • sprint [-en] zelfstandig naamwoord
    • plugg [-ett] zelfstandig naamwoord
    • bult [-en] zelfstandig naamwoord
    • tapp [-en] zelfstandig naamwoord
  4. die Nadel (Gedächtnissäule; Obelisk)
    obelisk

Vertaal Matrix voor Nadel:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bult Bolz; Feder; Flaum; Griffel; Keil; Nadel; Nagel; Pflock; Spieß; Stift; Zapfen Riegel; Stiftschraube; Türriegel; Überrollbügel
nål Nadel
obelisk Gedächtnissäule; Nadel; Obelisk
pinne Anstecknadel; Bolz; Feder; Flaum; Griffel; Haarnadel; Keil; Nadel; Nagel; Pflock; Spange; Spieß; Stecknadel; Stift; Zapfen; kleine Nadel Haken
plugg Bolz; Feder; Flaum; Griffel; Keil; Nadel; Nagel; Pflock; Spieß; Stift; Zapfen
sprint Bolz; Feder; Flaum; Griffel; Keil; Nadel; Nagel; Pflock; Spieß; Stift; Zapfen Splint; sprint
tapp Bolz; Feder; Flaum; Griffel; Keil; Nadel; Nagel; Pflock; Spieß; Stift; Zapfen

Wiktionary: Nadel

Nadel
  1. Botanik, meist Plural: die nadelförmig umgebildeten Blätter von Nadelbäumen
  2. längliches, dünnes Werkzeug mit Spitze, je nach Verwendungszweck unterschiedlich geformt

Cross Translation:
FromToVia
Nadel sticka; nål needle — implement for sewing etc.
Nadel nål needle — sensor phonograph stylus
Nadel nål needle — indicating device
Nadel barr needle — leaf of conifer
Nadel knappnål pin — small device; small needle with no eye
Nadel nål aiguille — Traductions à trier suivant le sens

Verwante vertalingen van Nadel