Overzicht
Engels naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. lemon:
  2. Wiktionary:


Engels

Uitgebreide vertaling voor lemon (Engels) in het Zweeds

lemon:

lemon [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the lemon
    citron
    • citron [-en] zelfstandig naamwoord
  2. the lemon (dud; drip)
    fiasko; odugling
    • fiasko [-ett] zelfstandig naamwoord
    • odugling [-en] zelfstandig naamwoord

lemon

  1. lemon

Vertaal Matrix voor lemon:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
citron lemon
fiasko drip; dud; lemon
odugling drip; dud; lemon good-for-nothing; lazybones; loiterer; slacker; slowcoach; slowpoke; sluggard; snail; wretch; wretched fellow; yellowbelly
- Citrus limon; gamboge; lemon tree; lemon yellow; maize; stinker
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
bilskrälle lemon

Verwante woorden van "lemon":

  • lemons

Synoniemen voor "lemon":


Verwante definities voor "lemon":

  1. an artifact (especially an automobile) that is defective or unsatisfactory1
  2. a strong yellow color1
  3. a distinctive tart flavor characteristic of lemons1
  4. yellow oval fruit with juicy acidic flesh1
  5. a small evergreen tree that originated in Asia but is widely cultivated for its fruit1

Wiktionary: lemon

lemon
adjective
  1. having the flavour/flavor and/or scent of lemons
  2. having the colour/color of lemons
noun
  1. colour/color
  2. tree
  3. citrus fruit

Cross Translation:
FromToVia
lemon citron LimoneBotanik: ein älterer Begriff für die Zitrone
lemon citron ZitroneBotanik: eine gelbe Zitrusfrucht
lemon citrongul zitronengelb — von der Farbe einer Zitrone
lemon citron citron — Fruit du citronnier

Verwante vertalingen van lemon