Overzicht
Spaans naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. pañal:
  2. Wiktionary:


Spaans

Uitgebreide vertaling voor pañal (Spaans) in het Zweeds

pañal:

pañal [el ~] zelfstandig naamwoord

  1. el pañal
    blöja
    • blöja [-en] zelfstandig naamwoord
  2. el pañal (vendaje; mantilla)
    binda; bandage; bindel
    • binda [-en] zelfstandig naamwoord
    • bandage [-ett] zelfstandig naamwoord
    • bindel [-en] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor pañal:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
bandage mantilla; pañal; vendaje cabestrillo; vendaje; vendajes; vendas
binda mantilla; pañal; vendaje compresa higiénica; compresas
bindel mantilla; pañal; vendaje vendaje
blöja pañal
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
binda amarrar; anudar; atar; atar a una cuerda; enlazar; hacer caer en la trampa; ligar; sujetar

Verwante woorden van "pañal":

  • pañales

Synoniemen voor "pañal":


Wiktionary: pañal


Cross Translation:
FromToVia
pañal blöja diaper — absorbent garment worn by a baby, or by someone who is incontinent
pañal blöja luier — vocht absorberend kledingstuk dat wordt gedragen door een incontinente persoon, inz. door een baby
pañal blöja Windel — körpernah eingesetzter Saugkörper zur Aufnahme von Urin und/oder Kot
pañal blöja couche — Linge ou bande absorbante à l’usage des enfants

Verwante vertalingen van pañal