Overzicht
Nederlands naar Duits:   Meer gegevens...
  1. granieten:
  2. graniet:
  3. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor granieten (Nederlands) in het Duits

granieten:

granieten bijvoeglijk naamwoord

  1. granieten
    graniten; granitartig

Vertaal Matrix voor granieten:

BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
granitartig granieten granietachtig
graniten granieten granietachtig

Verwante woorden van "granieten":


graniet:

graniet [het ~] zelfstandig naamwoord

  1. het graniet (hardsteen)
    der Granit
    • Granit [der ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor graniet:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
Granit graniet; hardsteen

Verwante woorden van "graniet":


Wiktionary: graniet

graniet
noun
  1. een stollingsgesteente bestaande uit lichtgekleurde, met het blote oog onderscheidbare mineralen.
graniet
noun
  1. Gestein aus Feldspat, Quarz und Glimmer, das besonders hart ist