Overzicht
Nederlands naar Duits:   Meer gegevens...
  1. spetter:
  2. spetteren:
  3. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor spetter (Nederlands) in het Duits

spetter:

spetter [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de spetter (stuk; kanjer)
    der heißer Typ; Prachtweib; die flotte Biene; der toller Typ

Vertaal Matrix voor spetter:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
Prachtweib kanjer; spetter; stuk
flotte Biene kanjer; spetter; stuk
heißer Typ kanjer; spetter; stuk
toller Typ kanjer; spetter; stuk

Verwante woorden van "spetter":


Wiktionary: spetter

spetter
noun
  1. een weggeslingerde druppel

spetter vorm van spetteren:

spetteren werkwoord (spetter, spettert, spetterde, spetterden, gespetterd)

  1. spetteren (spatten)
    spritzen
    • spritzen werkwoord (spritze, spritzt, spritzte, spritztet, gespritzt)

Conjugations for spetteren:

o.t.t.
  1. spetter
  2. spettert
  3. spettert
  4. spetteren
  5. spetteren
  6. spetteren
o.v.t.
  1. spetterde
  2. spetterde
  3. spetterde
  4. spetterden
  5. spetterden
  6. spetterden
v.t.t.
  1. heb gespetterd
  2. hebt gespetterd
  3. heeft gespetterd
  4. hebben gespetterd
  5. hebben gespetterd
  6. hebben gespetterd
v.v.t.
  1. had gespetterd
  2. had gespetterd
  3. had gespetterd
  4. hadden gespetterd
  5. hadden gespetterd
  6. hadden gespetterd
o.t.t.t.
  1. zal spetteren
  2. zult spetteren
  3. zal spetteren
  4. zullen spetteren
  5. zullen spetteren
  6. zullen spetteren
o.v.t.t.
  1. zou spetteren
  2. zou spetteren
  3. zou spetteren
  4. zouden spetteren
  5. zouden spetteren
  6. zouden spetteren
en verder
  1. ben gespetterd
  2. bent gespetterd
  3. is gespetterd
  4. zijn gespetterd
  5. zijn gespetterd
  6. zijn gespetterd
diversen
  1. spetter!
  2. spettert!
  3. gespetterd
  4. spetterend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Vertaal Matrix voor spetteren:

WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
spritzen spatten; spetteren begieten; besproeien; hardlopen; injecteren; met spuit een medicijn toedienen; met water spelen; opspatten; prikken; rennen; spuiten; steken; steken geven; tempo maken; uitspuiten; water geven

Verwante woorden van "spetteren":


Wiktionary: spetteren


Cross Translation:
FromToVia
spetteren platschen dabble — partially wet