Overzicht
Nederlands naar Engels:   Meer gegevens...
  1. doof:
  2. doven:
  3. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor doof (Nederlands) in het Engels

doof:

doof bijvoeglijk naamwoord

  1. doof
    deaf
    • deaf bijvoeglijk naamwoord

Vertaal Matrix voor doof:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
deaf doof

Verwante woorden van "doof":


Verwante definities voor "doof":

  1. wie niet goed kan horen1
    • je hoeft niet te schreeuwen, ik ben niet doof!1

Wiktionary: doof

doof
adjective
  1. niet of minder goed tot horen in staat zijn
doof
adjective
  1. unable to hear

Cross Translation:
FromToVia
doof deaf taub — absolut gehörlos, nicht hörend
doof Deaf taub — eine Identität als taube Person habend, der Taubseinskultur zugehörig
doof deaf sourd — Qui est privé du sens de l’ouïe

doven:

doven werkwoord (doof, dooft, doofde, doofden, gedoofd)

  1. doven (smoren; uitblussen; uitdoven)
    to extinguish; to put out
    • extinguish werkwoord (extinguishes, extinguished, extinguishing)
    • put out werkwoord (puts out, put out, putting out)

Conjugations for doven:

o.t.t.
  1. doof
  2. dooft
  3. dooft
  4. doven
  5. doven
  6. doven
o.v.t.
  1. doofde
  2. doofde
  3. doofde
  4. doofden
  5. doofden
  6. doofden
v.t.t.
  1. heb gedoofd
  2. hebt gedoofd
  3. heeft gedoofd
  4. hebben gedoofd
  5. hebben gedoofd
  6. hebben gedoofd
v.v.t.
  1. had gedoofd
  2. had gedoofd
  3. had gedoofd
  4. hadden gedoofd
  5. hadden gedoofd
  6. hadden gedoofd
o.t.t.t.
  1. zal doven
  2. zult doven
  3. zal doven
  4. zullen doven
  5. zullen doven
  6. zullen doven
o.v.t.t.
  1. zou doven
  2. zou doven
  3. zou doven
  4. zouden doven
  5. zouden doven
  6. zouden doven
en verder
  1. is gedoofd
  2. zijn gedoofd
diversen
  1. doof!
  2. dooft!
  3. gedoofd
  4. dovend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Vertaal Matrix voor doven:

WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
extinguish blussen; doven; smoren; uitblussen; uitdoven afsterven; afzetten; ophouden; sterven; uitdoen; uitmaken; uitschakelen; uitsterven; uitzetten
put out blussen; doven; smoren; uitblussen; uitdoven aanbesteden; afdoen; afhandelen; afzetten; beslechten; ontstemmen; stilzetten; stoppen; tot stilstand brengen; twist uit de weg ruimen; uitbesteden; uitdoen; uitmaken; uitschakelen; uitzetten
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
put out gepikeerd; geprikkeld; misnoegd; ontstemd; wrevelig

Verwante woorden van "doven":


Wiktionary: doven

doven
verb
  1. een vlam uit doen gaan
doven
verb
  1. to put out, as in fire; to end burning; to quench
  2. put out; extinguish
  3. extinguish
noun
  1. deaf people considered as a group

Cross Translation:
FromToVia
doven quench éteindrecesser l’ignition d’une chose.

Verwante vertalingen van doof