Overzicht
Nederlands naar Engels:   Meer gegevens...
  1. frisuur:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor frisuur (Nederlands) in het Engels

frisuur:

frisuur [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord

  1. de frisuur (kapsel; coiffure)
    the hairstyle; the coiffure; the hairdo; the haircut
    • hairstyle [the ~] zelfstandig naamwoord
    • coiffure [the ~] zelfstandig naamwoord
    • hairdo [the ~] zelfstandig naamwoord
    • haircut [the ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor frisuur:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
coiffure coiffure; frisuur; kapsel
haircut coiffure; frisuur; kapsel coiffure; coupe; haarsnit
hairdo coiffure; frisuur; kapsel coiffure; coupe; haarsnit
hairstyle coiffure; frisuur; kapsel

Verwante woorden van "frisuur":

  • frisuren