Overzicht
Nederlands naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. afgemeten:
  2. afmeten:
  3. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor afgemeten (Nederlands) in het Spaans

afgemeten:

afgemeten bijvoeglijk naamwoord

  1. afgemeten (opgemeten)
    medido
    • medido bijvoeglijk naamwoord

Vertaal Matrix voor afgemeten:

BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
medido afgemeten; opgemeten afgepast; gemeten

Verwante woorden van "afgemeten":

  • afgemetenheid

afmeten:

afmeten [znw.] zelfstandig naamwoord

  1. afmeten
    la medición

Vertaal Matrix voor afmeten:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
medición afmeten meting; opmeting

Wiktionary: afmeten


Cross Translation:
FromToVia
afmeten medir; tomar la medida mesurer — Chercher à connaître, ou déterminer une quantité par le moyen d’une mesure.

Verwante vertalingen van afgemeten