Overzicht
Nederlands naar Spaans:   Meer gegevens...
  1. krom buigen:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor krom buigen (Nederlands) in het Spaans

krom buigen:

krom buigen werkwoord (buig krom, buigt krom, boog krom, bogen krom, krom gebogen)

  1. krom buigen (ombuigen; verbuigen)
    torcer; doblar; doblarse
  2. krom buigen (krommen; buigen)
    doblar; torcer; comblar

Conjugations for krom buigen:

o.t.t.
  1. buig krom
  2. buigt krom
  3. buigt krom
  4. buigen krom
  5. buigen krom
  6. buigen krom
o.v.t.
  1. boog krom
  2. boog krom
  3. boog krom
  4. bogen krom
  5. bogen krom
  6. bogen krom
v.t.t.
  1. heb krom gebogen
  2. hebt krom gebogen
  3. heeft krom gebogen
  4. hebben krom gebogen
  5. hebben krom gebogen
  6. hebben krom gebogen
v.v.t.
  1. had krom gebogen
  2. had krom gebogen
  3. had krom gebogen
  4. hadden krom gebogen
  5. hadden krom gebogen
  6. hadden krom gebogen
o.t.t.t.
  1. zal krom buigen
  2. zult krom buigen
  3. zal krom buigen
  4. zullen krom buigen
  5. zullen krom buigen
  6. zullen krom buigen
o.v.t.t.
  1. zou krom buigen
  2. zou krom buigen
  3. zou krom buigen
  4. zouden krom buigen
  5. zouden krom buigen
  6. zouden krom buigen
diversen
  1. buig krom!
  2. buigt krom!
  3. krom gebogen
  4. krom buigend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Vertaal Matrix voor krom buigen:

WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
comblar buigen; krom buigen; krommen
doblar buigen; krom buigen; krommen; ombuigen; verbuigen breken; buigen; doen buigen; dubbel vouwen; dubbelvouwen; dubben; kapot gaan; krommen; nasynchroniseren; neerslaan; ombuigen; omknikken; omslaan; omvouwen; onderuithalen; opvouwen; plooien; samenvouwen; sneuvelen; stuk gaan; ten dele vouwen; toevouwen; vloeren; vouwen; welven
doblarse krom buigen; ombuigen; verbuigen buigen; doorbuigen; doorzakken; krommen; omknikken; reproduceren; verdubbelen; vermenigvuldigen; welven
torcer buigen; krom buigen; krommen; ombuigen; verbuigen afdraaien; buigen; eer betuigen; ineendraaien; krombuigen; krommen; met iemand worstelen; welven; worstelen; wrikken

Verwante vertalingen van krom buigen