Nederlands

Uitgebreide vertaling voor duivels (Nederlands) in het Frans

duivels:

duivels bijvoeglijk naamwoord

  1. duivels (kwaadaardig; duivelachtig)
    diabolique; malin; méchant; maligne; vilainement; malicieux; roué; démoniaque; du diable; infernal; perfide; diantre; malicieusement; diaboliquement; vilain; louche; rusé; satanique; perfidement

duivels

  1. duivels (verdoemd)

duivels [de ~] zelfstandig naamwoord, mv.

  1. de duivels (demonen)
    le démons; le diables; le satans; le diablotins
    • démons [le ~] zelfstandig naamwoord
    • diables [le ~] zelfstandig naamwoord
    • satans [le ~] zelfstandig naamwoord
    • diablotins [le ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor duivels:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
diables demonen; duivels demonen; kwelduivels; plaaggeesten; slechtaarden
diablotins demonen; duivels kwelduivels; plaaggeesten
démons demonen; duivels demonen; slechtaarden
louche lepel; opscheplepel
malicieux bij de pinken zijn; doortraptheid; gewiekstheid; gladheid; listigheid; sluwheid; snoodheid
malin bij de pinken zijn; doortraptheid; gewiekstheid; gladheid; kei; listigheid; slimme vos; slimmerd; sluwheid; snoodheid
méchant eikel; hond; klootzak; lul; schobbejak; schoelje; schoft; smeerlap; stouterd
rusé doortraptheid; gewiekstheid; gladheid; goochemheid; leperd; leperik; listigheid; schranderheid; sluwheid; snoodheid; uitgeslapenheid
satans demonen; duivels demonen; slechtaarden
vilain jongen; rakker
Not SpecifiedVerwante vertalingenAndere vertalingen
diabolique duivels; verdoemd
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
malicieux boosaardig; slecht
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
diabolique duivelachtig; duivels; kwaadaardig demonisch; demonische; hels; infernaal; satanisch
diaboliquement duivelachtig; duivels; kwaadaardig hels; infernaal
diantre duivelachtig; duivels; kwaadaardig
du diable duivelachtig; duivels; kwaadaardig drommels; hels; infernaal
démoniaque duivelachtig; duivels; kwaadaardig demonisch; demonische
infernal duivelachtig; duivels; kwaadaardig bitter; bitter van smaak; hels; infernaal
louche duivelachtig; duivels; kwaadaardig akelig; donker; dubieus; duister; eng; glibberig; griezelig; louche; obscuur; onbetrouwbaar; onduidelijk; onguur; sinister; verdacht; wollig
malicieusement duivelachtig; duivels; kwaadaardig bengelachtig; boefachtig; boosaardig; gemeen; gluiperig; guitig; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; kwajongensachtig; ondeugend; schalkachtig; schalks; schelmachtig; schelms; schurkachtig; snaaks; spotachtig; vals
malicieux duivelachtig; duivels; kwaadaardig arglistig; bengelachtig; boefachtig; boosaardig; doortrapt; ernaast; fout; foutief; gemeen; geraffineerd; geslepen; gluiperig; guitig; hatelijk; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; kwajongensachtig; leep; link; listig; malicieus; mis; ondeugend; onjuist; onwaar; schalkachtig; schalks; schelmachtig; schelms; schurkachtig; serpentachtig; slinks; sluw; snaaks; spotachtig; stekelig; ten onrechte; vals; verkeerd; verraderlijk; vijandig
maligne duivelachtig; duivels; kwaadaardig bijdehand; boosaardig; geniaal; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; kien; pienter; slim; spits; uitgekookt; vernuftig
malin duivelachtig; duivels; kwaadaardig achterbaks; adrem; arglistig; bedachtzaam; berekenend; bij de pinken; bijdehand; clever; correct; doordacht; doortrapt; fabelachtig; fantastisch; gaaf; gehaaid; gemeen; geniaal; geniepig; geraffineerd; geslepen; gevat; gewiekst; gluiperig; goochem; kien; krankzinnig; leep; link; listig; nadenkend; pienter; raadzaam; raak; reuze; scherpzinnig; schrander; slim; slinks; sluw; snedig; snood; snugger; spits; spitsvondig; stiekem; te gek; uitgekiend; uitgekookt; uitgeslapen; vernuftig; verstandig; waanzinnig; weldenkend; wijs; wijselijk; zinnig
méchant duivelachtig; duivels; kwaadaardig achterbaks; banaal; bar slecht; bedriegelijk; donker; doortrapt; dubieus; duister; erg boosaardig; gefingeerd; gehaaid; gemeen; geniepig; geraffineerd; geslepen; gewiekst; giftig; glibberig; gluiperig; grof; honds; kwaadaardig; kwaadwillig; laag; laag-bij-de-grond; laaghartig; leep; listig; lomp; met slechte intentie; min; nagemaakt; obscuur; onecht; onedel; onguur; onwaar; pesterig; plat; platvloers; schunnig; serpentachtig; slecht; slinks; sluw; snood; stiekem; triviaal; uitgekookt; vals; venijnig; verdacht; vunzig
perfide duivelachtig; duivels; kwaadaardig achterbaks; arglistig; bedriegelijk; doortrapt; gefingeerd; gehaaid; gemeen; geniepig; geraffineerd; geslepen; gewiekst; giftig; gluiperig; heimelijk; in het geheim; in het geniep; kwaadaardig; kwaadwillig; leep; link; listig; met slechte intentie; min; nagemaakt; onecht; ontrouw; onwaar; op steelse wijze; overspelig; perfide; slecht; slinks; sluw; snood; steels; steelsgewijze; stiekem; tersluiks; uitgekookt; vals; venijnig
perfidement duivelachtig; duivels; kwaadaardig achterbaks; bedriegelijk; doortrapt; gefingeerd; gehaaid; gemeen; geniepig; geraffineerd; geslepen; gewiekst; gluiperig; heimelijk; in het geheim; in het geniep; leep; listig; nagemaakt; onecht; ontrouw; onwaar; op steelse wijze; overspelig; perfide; slinks; sluw; snood; steels; steelsgewijze; stiekem; tersluiks; uitgekookt; vals
roué duivelachtig; duivels; kwaadaardig achterbaks; doortrapt; gehaaid; gemeen; geniepig; geraffineerd; geslepen; gewiekst; gluiperig; in het geniep; leep; listig; slinks; sluw; snood; stiekem; uitgekookt
rusé duivelachtig; duivels; kwaadaardig achterbaks; adrem; arglistig; berekenend; bij de pinken; bijdehand; clever; doortrapt; gehaaid; gemeen; geniepig; geraffineerd; geslepen; gevat; gewiekst; gluiperig; goochem; in het geniep; kien; leep; link; listig; pienter; raak; scherpzinnig; schrander; slim; slinks; sluw; snedig; snood; snugger; spitsvondig; stiekem; uitgekiend; uitgekookt; uitgeslapen
satanique duivelachtig; duivels; kwaadaardig hels; infernaal; satanisch
vilain duivelachtig; duivels; kwaadaardig achterbaks; afstotend; banaal; bar slecht; bliksems; doortrapt; erg boosaardig; gehaaid; gemeen; geniepig; geraffineerd; geslepen; gewiekst; gluiperig; grof; laag-bij-de-grond; leep; lelijk; listig; lomp; onaantrekkelijk; onooglijk; plat; platvloers; schunnig; slinks; sluw; snood; stiekem; triviaal; uitgekookt; verdraaid; verduiveld; verlopen; vunzig
vilainement duivelachtig; duivels; kwaadaardig achterbaks; afstotend; doortrapt; gehaaid; gemeen; geniepig; geraffineerd; geslepen; gewiekst; gluiperig; leep; lelijk; listig; onaantrekkelijk; slinks; sluw; snood; stiekem; uitgekookt

Verwante woorden van "duivels":


Verwante definities voor "duivels":

  1. gemeen en boosaardig1
    • het was een duivels plan1

Wiktionary: duivels


Cross Translation:
FromToVia
duivels diabolique devilish — resembling or characteristic of a devil
duivels infernal; diabolique devilish — extreme, excessive

duivel:

duivel [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de duivel (demon; satan; kwaad)
    le diable; le démon; le satan
    • diable [le ~] zelfstandig naamwoord
    • démon [le ~] zelfstandig naamwoord
    • satan [le ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor duivel:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
diable demon; duivel; kwaad; satan boosaardig wezen; kwelduivel; plaaggeest; robbedoes; wildebras
démon demon; duivel; kwaad; satan boosaardig wezen; kwelduivel; plaaggeest
satan demon; duivel; kwaad; satan boosaardig wezen; kwelduivel; plaaggeest
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
diable donders; drommels; verduiveld

Verwante woorden van "duivel":


Wiktionary: duivel

duivel
noun
  1. de personificatie van het kwaad
duivel
noun
  1. Créature infernale

Cross Translation:
FromToVia
duivel diable devil — a creature of hell
duivel Satan; Diable devil — the devil: the chief devil
duivel diable devil — bad part of the conscience
duivel diable devil — wicked or naughty person
duivel type devil — person, especially a man; used to express a particular opinion of him
duivel diable devil — in Christian Science, an evil or erring entity
duivel Shaytan; shaytan; chétane; chetane; démon; diable Schaitan — teuflisches, dämonisches Wesen
duivel diable; démon; Satan Teufel — böses Geisterwesen
duivel diable; démon; Satan Teufel — Gegenspieler Gottes