Overzicht
Nederlands naar Frans:   Meer gegevens...
  1. gluren:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor gluren (Nederlands) in het Frans

gluren:

gluren werkwoord (gluur, gluurt, gluurde, gluurden, gegluurd)

  1. gluren (begluren)
    lorgner; guetter; reluquer; épier
    • lorgner werkwoord (lorgne, lorgnes, lorgnons, lorgnez, )
    • guetter werkwoord (guette, guettes, guettons, guettez, )
    • reluquer werkwoord (reluque, reluques, reluquons, reluquez, )
    • épier werkwoord (épie, épies, épions, épiez, )
  2. gluren (stiekem kijken)
    faire le voyeur; espionner; épier; reluquer; guetter; lorgner
    • faire le voyeur werkwoord
    • espionner werkwoord (espionne, espionnes, espionnons, espionnez, )
    • épier werkwoord (épie, épies, épions, épiez, )
    • reluquer werkwoord (reluque, reluques, reluquons, reluquez, )
    • guetter werkwoord (guette, guettes, guettons, guettez, )
    • lorgner werkwoord (lorgne, lorgnes, lorgnons, lorgnez, )
  3. gluren (loeren)
    guetter
    • guetter werkwoord (guette, guettes, guettons, guettez, )

Conjugations for gluren:

o.t.t.
  1. gluur
  2. gluurt
  3. gluurt
  4. gluren
  5. gluren
  6. gluren
o.v.t.
  1. gluurde
  2. gluurde
  3. gluurde
  4. gluurden
  5. gluurden
  6. gluurden
v.t.t.
  1. heb gegluurd
  2. hebt gegluurd
  3. heeft gegluurd
  4. hebben gegluurd
  5. hebben gegluurd
  6. hebben gegluurd
v.v.t.
  1. had gegluurd
  2. had gegluurd
  3. had gegluurd
  4. hadden gegluurd
  5. hadden gegluurd
  6. hadden gegluurd
o.t.t.t.
  1. zal gluren
  2. zult gluren
  3. zal gluren
  4. zullen gluren
  5. zullen gluren
  6. zullen gluren
o.v.t.t.
  1. zou gluren
  2. zou gluren
  3. zou gluren
  4. zouden gluren
  5. zouden gluren
  6. zouden gluren
diversen
  1. gluur!
  2. gluurt!
  3. gegluurd
  4. glurend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Vertaal Matrix voor gluren:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
guetter loeren
épier loeren
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
espionner gluren; stiekem kijken beloeren; bespieden; bespioneren; spieden; spioneren; verspieden
faire le voyeur gluren; stiekem kijken bespieden; bespioneren; spieden; spioneren
guetter begluren; gluren; loeren; stiekem kijken afwachten; beloeren; bespieden; koekeloeren; loeren; scherp kijken; verspieden; wachten
lorgner begluren; gluren; stiekem kijken koekeloeren
reluquer begluren; gluren; stiekem kijken koekeloeren
épier begluren; gluren; stiekem kijken afloeren; beloeren; bespieden; bespioneren; spieden; spioneren; verspieden

Wiktionary: gluren


Cross Translation:
FromToVia
gluren reluquer; mater ogle — to stare flirtatiously
gluren → jeter un coup d'œil peek — To look slyly, or with the eyes half closed, or through a crevice; to peep
gluren plisser les yeux squint — to look with the eyes partly closed, as in bright sunlight
gluren plissement des yeux squint — expression in which the eyes are partly closed