Nederlands

Uitgebreide synoniemen voor bericht in het Nederlands

bericht:

bericht [het ~] zelfstandig naamwoord

  1. het bericht
    het bericht; de tijding
    • bericht [het ~] zelfstandig naamwoord
    • tijding [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord
  2. het bericht
    de aankondiging; het bericht; de melding
  3. het bericht
    de mededeling; de boodschap; het bericht; de vermelding; de uitspraak; de opgave; gewag; de melding; de verwittiging; de tijding; de bekendmaking; het relaas
  4. het bericht
    het referaat; het verslag; het bericht
    • referaat [het ~] zelfstandig naamwoord
    • verslag [het ~] zelfstandig naamwoord
    • bericht [het ~] zelfstandig naamwoord
  5. het bericht
    het tijdschrift; de periodiek; het magazine; het maandblad; het blad; het weekblad; de tijdspiegel; het bericht
  6. het bericht
    het bericht; de boodschap
    • bericht [het ~] zelfstandig naamwoord
    • boodschap [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord
  7. het bericht
    het bericht
    • bericht [het ~] zelfstandig naamwoord
  8. het bericht
    het bericht; het document
    • bericht [het ~] zelfstandig naamwoord
    • document [het ~] zelfstandig naamwoord
  9. het bericht
    – mondelinge of schriftelijke informatie 1
    het bericht
    – mondelinge of schriftelijke informatie 1
    • bericht [het ~] zelfstandig naamwoord
      • we hebben nog geen bericht van Ahmed1

Verwante woorden van "bericht":

  • berichtten

Alternatieve synoniemen voor "bericht":


Verwante definities voor "bericht":

  1. mondelinge of schriftelijke informatie1
    • we hebben nog geen bericht van Ahmed1

bericht vorm van berichten:

berichten werkwoord (bericht, berichtte, berichtten, bericht)

  1. berichten
    berichten; iets melden
  2. berichten
    melden; berichten; meedelen; rapporteren; informeren; verslag uitbrengen
    • melden werkwoord (meld, meldt, meldde, meldden, gemeld)
    • berichten werkwoord (bericht, berichtte, berichtten, bericht)
    • meedelen werkwoord (deel mee, deelt mee, deelde mee, deelden mee, meegedeeld)
    • rapporteren werkwoord (rapporteer, rapporteert, rapporteerde, rapporteerden, gerapporteerd)
    • informeren werkwoord (informeer, informeert, informeerde, informeerden, geïnformeerd)
    • verslag uitbrengen werkwoord (breng verslag uit, brengt verslag uit, bracht verslag uit, brachten verslag uit, verslag uitgebracht)

Conjugations for berichten:

o.t.t.
  1. bericht
  2. bericht
  3. bericht
  4. berichten
  5. berichten
  6. berichten
o.v.t.
  1. berichtte
  2. berichtte
  3. berichtte
  4. berichtten
  5. berichtten
  6. berichtten
v.t.t.
  1. heb bericht
  2. hebt bericht
  3. heeft bericht
  4. hebben bericht
  5. hebben bericht
  6. hebben bericht
v.v.t.
  1. had bericht
  2. had bericht
  3. had bericht
  4. hadden bericht
  5. hadden bericht
  6. hadden bericht
o.t.t.t.
  1. zal berichten
  2. zult berichten
  3. zal berichten
  4. zullen berichten
  5. zullen berichten
  6. zullen berichten
o.v.t.t.
  1. zou berichten
  2. zou berichten
  3. zou berichten
  4. zouden berichten
  5. zouden berichten
  6. zouden berichten
diversen
  1. bericht!
  2. bericht!
  3. bericht
  4. berichtend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

berichten [de ~] zelfstandig naamwoord

  1. de berichten
    de berichten

Verwante synoniemen voor bericht