Overzicht
Nederlands Synoniemen:   Meer gegevens...
  1. vermomd:
  2. vermommen:


Nederlands

Uitgebreide synoniemen voor vermomd in het Nederlands

vermomd:

vermomd bijvoeglijk naamwoord

  1. vermomd
    verkleed; verkapt; vermomd

vermommen:

vermommen werkwoord (vermom, vermomt, vermomde, vermomden, vermomd)

  1. vermommen
    verkleden; vermommen
    • verkleden werkwoord (verkleed, verkleedt, verkleedde, verkleedden, verkleed)
    • vermommen werkwoord (vermom, vermomt, vermomde, vermomden, vermomd)
  2. vermommen
    – voor de lol leuke gekke kleren aantrekken 1
    verkleden; vermommen
    – voor de lol leuke gekke kleren aantrekken 1
    • verkleden werkwoord (verkleed, verkleedt, verkleedde, verkleedden, verkleed)
      • hij had zich verkleed als cowboy1
    • vermommen werkwoord (vermom, vermomt, vermomde, vermomden, vermomd)
      • de directeur had zich vermomd als werkster1

Conjugations for vermommen:

o.t.t.
  1. vermom
  2. vermomt
  3. vermomt
  4. vermommen
  5. vermommen
  6. vermommen
o.v.t.
  1. vermomde
  2. vermomde
  3. vermomde
  4. vermomden
  5. vermomden
  6. vermomden
v.t.t.
  1. heb vermomd
  2. hebt vermomd
  3. heeft vermomd
  4. hebben vermomd
  5. hebben vermomd
  6. hebben vermomd
v.v.t.
  1. had vermomd
  2. had vermomd
  3. had vermomd
  4. hadden vermomd
  5. hadden vermomd
  6. hadden vermomd
o.t.t.t.
  1. zal vermommen
  2. zult vermommen
  3. zal vermommen
  4. zullen vermommen
  5. zullen vermommen
  6. zullen vermommen
o.v.t.t.
  1. zou vermommen
  2. zou vermommen
  3. zou vermommen
  4. zouden vermommen
  5. zouden vermommen
  6. zouden vermommen
diversen
  1. vermom!
  2. vermomt!
  3. vermomd
  4. vermommend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Alternatieve synoniemen voor "vermommen":


Verwante definities voor "vermommen":

  1. voor de lol leuke gekke kleren aantrekken1
    • de directeur had zich vermomd als werkster1