Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. aansprakelijk:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor aansprakelijk (Nederlands) in het Zweeds

aansprakelijk:

aansprakelijk bijvoeglijk naamwoord

  1. aansprakelijk (verantwoordelijk; gehouden)
    ansvarig; förpliktat; mottaglig; ansvarigt; skydligt; mottagligt; benäget; förpliktigad

Vertaal Matrix voor aansprakelijk:

BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
ansvarig aansprakelijk; gehouden; verantwoordelijk toerekeningsvatbaar; verantwoordelijk
ansvarigt aansprakelijk; gehouden; verantwoordelijk toerekeningsvatbaar; verantwoordelijk
benäget aansprakelijk; gehouden; verantwoordelijk
förpliktat aansprakelijk; gehouden; verantwoordelijk gedwongen; geforceerd; onvrijwillig; verplicht
förpliktigad aansprakelijk; gehouden; verantwoordelijk
mottaglig aansprakelijk; gehouden; verantwoordelijk gevoelig; onbekrompen; teergevoelig; vatbaar
mottagligt aansprakelijk; gehouden; verantwoordelijk gevoelig; onbekrompen; teergevoelig; vatbaar
skydligt aansprakelijk; gehouden; verantwoordelijk

Verwante woorden van "aansprakelijk":


Wiktionary: aansprakelijk


Cross Translation:
FromToVia
aansprakelijk ansvarig responsible — answerable for an act performed or for its consequences
aansprakelijk stå till svars; för; ta; ansvar verantwortlich zeichnenAmtssprache, verantwortlich zeichnen für etwas: die übertragene Verantwortung ausübend seine Unterschrift unter etwas setzen
aansprakelijk ansvarig correspondant — Qui correspondre à quelque chose.

Verwante vertalingen van aansprakelijk